Club Brugge haalt het zwaar geschut boven voor een opvallende toptransfer. Blauw-zwart kan liefst zeventien miljoen euro neertellen voor een speler die niet in het bewezen transfermodel past. Daarmee kan een regel breken die jarenlang bijna heilig was.
LEES OOK: Club plant miljoenenaankoop: toptarget zet deur wagenwijd open
Toptransfer overtuigd, maar monsterprijs dreigtRaphael Onyedika is voor ongeveer negen à tien miljoen euro op weg naar Eintracht Frankfurt, terwijl blauw-zwart voor zijn mogelijke opvolger Peer Koopmeiners (AZ Alkmaar) tot veertien, vijftien of zelfs zeventien miljoen moet gaan. Voor alle duidelijkheid: Club heeft nog geen zeventien miljoen geboden. Het eerste voorstel voor Koopmeiners bedroeg naar verluidt negen miljoen euro, aangevuld met ongeveer twee miljoen aan bonussen.
Dat voorstel werd meteen naar de prullenmand verwezen door AZ. Over de werkelijke vraagprijs circuleren verschillende bedragen. Het Nieuwsblad schoof een bedrag rond zeventien miljoen euro naar voren. Het Laatste Nieuws sprak nadien over twaalf tot veertien miljoen, terwijl Voetbal International meldde dat AZ minstens vijftien miljoen verlangt.
Nochtans verklaarde AZ Koopmeiners begin juli nog zo goed als onverkoopbaar. Technisch directeur Niels van Duinen was in het Noordhollands Dagblad bijzonder duidelijk. “Dit is voor hen niet het juiste moment voor een transfer. Ze zijn allebei heel belangrijk voor ons”, zei hij over Koopmeiners en verdediger Wouter Goes. Die harde houding is ondertussen afgezwakt.
Koopmeiners kwam volgens Het Laatste Nieuws al langs in het Basecamp van Club Brugge en raakte onder de indruk van de faciliteiten. De speler ziet de overstap zitten. Daarmee heeft Club een belangrijk deel van het werk al gedaan, al ligt de sleutel volledig bij AZ. De middenvelder gaat geen oorlog voeren, maar wil evenmin dat de deur vooraf volledig wordt gesloten.
Club gaat ongezien diep voor compleet ander type
Toch is zeventien miljoen moeilijk te verdedigen als zuivere verkoopwaarde. Transfermarkt schat Koopmeiners op twaalf miljoen euro. Andere modellen komen zelfs iets lager uit. Een bedrag tussen twaalf en veertien miljoen lijkt daarom veel logischer. Maar Club Brugge heeft haast: Aleksandar Stankovic vertrok voor 23 miljoen en Onyedika staat dicht bij Eintracht Frankfurt voor 9 miljoen.
Sportief is Koopmeiners geen kopie van Onyedika. De Nigeriaan is explosiever, sterker in fysieke duels en beter geschikt om grote ruimtes te verdedigen. Hij kan na balverlies veel herstellen met zijn snelheid en kracht. Koopmeiners lost dezelfde problemen anders op. Hij probeert gevaar vroeger te herkennen, bewaakt de afstanden en stuurt ploegmaats bij voordat hij zelf moet ingrijpen.
Alex Pastoor legde uit waarom Koopmeiners soms wordt onderschat. Hij werkte bij Almere City een volledig seizoen met hem samen en noemde hem bij Ziggo Sport een uitblinker. “De simpele dingen voert hij briljant uit”, stelde Pastoor. “Hij neemt altijd een rol aan waarin hij weer aangespeeld kan worden.”
Dat maakt hem in de eerste plaats een kandidaat om Onyedika in de basis te vervangen. Onder Ivan Leko stond de Nigeriaan meestal alleen voor de verdediging, terwijl Stankovic hoger mocht spelen. Koopmeiners kan die positie van enige nummer zes innemen, maar zal de rol anders invullen. Voor de kwaliteiten van Stankovic is hij geen rechtstreekse vervanger. De Serviër speelde verticaler, schoof makkelijker door en bracht meer dynamiek rond het strafschopgebied.
Leko krijgt zijn Porsche en breekt heilig taboe
De keuze voor Koopmeiners past wel bij wat Leko al langer vraagt. De trainer wil onmiddellijk inzetbare kwaliteit. Hij vergeleek zijn selectie eerder met auto’s: “Je hebt meer kans om te winnen met een Porsche.”Voor echte kwaliteit moet een club volgens Leko soms meer betalen. Maar dat botst met het transfermodel waarmee Club Brugge de voorbije jaren succesvol werd.
Blauw-zwart betaalde doorgaans zes à zeven miljoen voor jonge spelers die zich konden ontwikkelen en later met winst werden verkocht. Roman Yaremchuk was de grote uitzondering. Voor de spits werd ongeveer zestien à zeventien miljoen betaald, maar sportief en financieel draaide die recordinvestering uit op een zware mislukking. Sindsdien hield Club zijn inkomende bedragen bewust onder controle.
In Het Nieuwsblad benadrukte CEO Bob Madou dat Club wel grote bedragen kán uitgeven. “Alleen weet iedereen hier wat onze filosofie is”, voegde hij eraan toe. Sports Director Maarten Dedobbeleer maakte daarbij het onderscheid tussen jonge spelers met doorverkoopwaarde en “performance players” die langer blijven en voor stabiliteit zorgen. Koopmeiners behoort duidelijk tot die tweede categorie.
Club koopt hem niet om hem twee jaar later voor veertig miljoen te verkopen. Het koopt zekerheid en rendement. Daarom is 26 jaar op zich geen probleem. Koopmeiners zit aan het begin van zijn beste voetbaljaren en heeft veel minder aanpassingstijd nodig dan een talent van twintig jaar. Maar bij een bedrag van zeventien miljoen verdwijnt bijna alle marge om fouten te maken. Dan moet hij meteen uitgroeien tot een leider en jarenlang een vaste waarde worden.
Miljoenen stromen binnen, maar risico is gigantisch
Stankovic leverde 23 miljoen op, Tzolis vertrok voor veertig miljoen en ook Onyedika en mogelijk Joel Ordóñez brengen nog geld binnen. Daar komen opnieuw grote inkomsten uit de Champions League bovenop. Club kan zeventien miljoen betalen, maar dan zal het veel moetne afwijken van hun eigen transfermodel.
Een deal rond twaalf à veertien miljoen, eventueel aangevuld met bonussen, zou sportief te verdedigen zijn. Rond vijftien miljoen neemt Club al een stevig risico voor zekerheid en onmiddellijk rendement. Zeventien miljoen vast zou vooral aantonen dat AZ de Brugse noodsituatie maximaal heeft uitgebuit.
Olivier Plancke