Arthur Vermeeren wordt overal aan de kant geschoven, maar toch duikt zijn naam op in bijna onbegrijpelijke topdeals. Terwijl hij moeite heeft om ergens echt door te breken, blijft de markt bewegen rond hem.
LEES OOK: ‘Volgende uitdaging bekend: Openda geeft groen licht’
Hoe hij van belofte naar bijzaak gingOlympique Marseille huurt Arthur Vermeeren dit seizoen van RB Leipzig, maar de Fransen zouden de aankoopoptie van 20 miljoen euro niet lichten. In Marseille klinkt het volgens Belgische media: “Dat zal niet gebeuren.” Daarmee lijkt alweer een buitenlands hoofdstuk voor de 21‑jarige middenvelder met een sisser te eindigen. Na Atlético Madrid en Leipzig wordt ook het verhaal in Marseille niet verdergezet.
Bij Antwerp FC lag de wereld nog aan zijn voeten. Vermeeren was jong, rustig aan de bal, slim in positie en opvallend volwassen in zijn keuzes op en naast het veld. Hij werd gezien als een moderne controleur: geen spectaculaire dribbelaar, geen pure krachtpatser, maar iemand die het tempo bepaalt en onder druk de juiste oplossing zoekt. Dat profiel maakte hem interessant voor grotere competities. Maar sinds zijn vertrek uit België lijkt die logica zoek.
Bij Atlético Madrid belandde hij in een systeem van Diego Simeone, waar ervaring, fysieke duelkracht en directe impact heel belangrijk zijn. Vermeeren kreeg weinig kansen en moest al snel weer vertrekken. RB Leipzig leek op papier een betere club om zich te ontwikkelen, maar ook daar klikte het niet: de Duitse ploeg vraagt veel dynamiek, intensiteit en verticale druk. Marseille moest de herlancering worden.
Een talent dat maar geen vaste plek vindt
Roberto De Zerbi zei ooit dat Vermeeren zijn ideale middenvelder kon zijn voor zijn manier van spelen. De Zerbi zoekt spelers die druk kunnen lokken, indraaien, vooruit durven spelen en de eerste pass zuiver houden. Aanvankelijk leek het te lukken, maar het veranderde snel. Een rode kaart tegen Nantes werd een breekpunt, en daarna vond hij amper nog ritme. Onder Habib Beye kreeg hij nog één grote kans tegen Brest, maar die liep slecht af. Franse kranten waren hard: lage cijfers en kritiek op zijn impact.

Bovendien kwam er veel concurrentie. In januari haalde Marseille Quinten Timber en Tochukwu Nnadi, en er waren al spelers als Pierre‑Emile Højbjerg en Geoffrey Kondogbia. Voor een gehuurde speler met een aankoopoptie van 20 miljoen euro is dat gevaarlijk: als OM echt overtuigd was, haade ze geen extra middenvelders op zijn positie. Toch is Vermeeren niet zomaar afgeschreven in Europa. Dat is de vreemde kant van het verhaal. Hij is pas 21, en heeft dus nog veel progressiemarge, zijn profiel is schaars, en zijn doorbraak bij Antwerp FC speelt ook nog mee. Daarom blijven namen als Tottenham, Inter en Lazio opduiken in de transfergeruchten.
Waarom hij overal vertrekt, maar toch in topdeals blijft opduiken
Het probleem van Vermeeren is duidelijk. En nieuwe verkeerde keuze kan zware gevolgen hebben. Een vierde club in minder dan drie jaar helpt zijn imago niet. Vermeeren heeft geen grote naam als nieuwe club nodig; hij heeft minuten nodig. Een trainer die hem een duidelijke rol geeft en vertrouwen schenkt. Anders dreigt hij opnieuw op de bank te belanden na een paar mindere wedstrijden.
Marseille wil hem niet houden. Leipzig lijkt hem niet nodig te hebben. De Rode Duivels en zijn WK‑kansen staan onder druk door gebrek aan speelminuten. En toch wordt hij opnieuw gelinkt aan clubs waar de lat, reputatie en imago hoger ligt dan bij Marseille. Inter is een Europese topclub met een ijzersterk middenveld; Tottenham zou een chaotische omgeving zijn voor een speler die rust nodig heeft; Lazio is sportief misschien realistischer, maar ook daar is de druk groot.
Olivier Plancke