KRC Genk greep naast de top zes en mag, ondanks de geslaagde campagne in Europa, dus gerust spreken van een mislukt seizoen. Vorig jaar leken de Limburgers nochtans nog mee te doen voor de prijzen. De vraag is dan ook waar het exact verkeerd is gelopen. Het antwoord ligt allicht in de keuzes van de voorbije transferperiodes.
Zo liet Dimitri de Condé het na om defensieve versterking in huis te halen, wat zowel Thorsten Fink als Nicky Hayen duur te staan kwam. Vooral de verdedigende stabiliteit liet de afgelopen maanden immers te wensen over. Toch besloot Genk om dat euvel niet aan te pakken tijdens de wintermercato, toen het voorin wel Hyeon-gyu Oh liet gaan voor 14 miljoen. Niet onlogisch gezien diens dalende vorm.
Diep in de punt was de voormalige supersub van Tolu Arokodare, een halfjaar eerder voor een recordsom van 26 miljoen vertrokken, intussen al afgezakt tot de nummer drie in de pikorde. Wel nog steeds vóór Jusef Erabi, die in allerijl werd aangetrokken toen Oh in de zomer op weg leek naar Stuttgart. Toen nog voor bijna het dubbele van het bedrag dat de Zuid-Koreaan uiteindelijk in het laatje zou brengen.
LEES OOK: 'Gouden tip De Condé: Mignolet van Club naar Genk?'
Pech voor ErabiDat de Duitsers hun staart plots introkken, en Oh zo langer op post bleef, was een streep door de rekening van Erabi. De 22-jarige Zweed zag zijn speelkansen in één klap fors slinken, precies het scenario dat hij wilde vermijden. Erabi hield om die reden namelijk lange tijd de boot af. Behalve het vertrek van Oh, dat er niet meer zou komen, kwam er ook op financieel vlak dus overtuigingskracht bij te pas.
Niet dat Erabi een van de absolute grootverdieners is in Genk, dat wel vier miljoen op tafel legde om hem weg te plukken bij Hammarby. Zij wisten maar al te goed dat het zelfs zonder te cashen op Oh een lucratieve zomer was geweest, met ook Christopher Bonsu Baah die 17 miljoen opbracht. Alles bij elkaar werd er de voorbije maanden dik 60 miljoen aan transferinkomsten op de bankrekening gestort.
Een deel van die middelen dient weliswaar om de structurele verliezen te dekken, terwijl er ook een spaarpotje wordt opzijgelegd om de bouw van het nieuwe oefencomplex te bekostigen. In totaal werd er toch nog zo'n 19 miljoen, ofwel ongeveer een derde van de opbrengsten, opnieuw gespendeerd aan spelersmateriaal. Daarvan vloeide vier miljoen dus naar Erabi, onder Hayen niet eens meer op de bank.
Yokoyama flopt
Voorlopig blijft hij zo steken op één doelpunt in 19 optredens. Nog altijd meer dan Ayumu Yokoyama, wiens vrij pittige aankoopoptie van drie miljoen na een halfjaar bij Jong Genk enigszins verrassend werd gelicht. De ondertussen toch al 23-jarige Japanner zette zijn kribbel onder een verbintenis tot medio 2029 in de Cegeka Arena, waar hij voortaan volwaardig deel zou gaan uitmaken van de A-ploeg.
In plaats daarvan wacht Yokoyama nog steeds op zijn debuut voor de hoofdmacht. In januari vond Genk geen (tijdelijke) oplossing voor zijn uitzichtloze situatie, waarop de winger opnieuw het tweede elftal vervoegde. Daar was hij sindsdien wel goed voor twee goals en vier assists in 12 wedstrijden. Wie weet slaagt Yokoyama er dus wel in om alle twijfels van zich af te schudden en toch nog door te breken.
Aaron Bibout wist zich met maar liefst 10 doelpunten in 16 matchen voor Jong Genk alleszins in de kijker te spelen van Hayen, die in tegenstelling tot zijn voorganger vol zijn kaart durfde te trekken. Het 21-jarige speerpunt uit Kameroen bedankte zijn coach voor het vertrouwen door in tien duels al drie keer raak te treffen. Zijn potentieel rechtvaardigt alvast zijn schappelijk prijskaartje van een tweetal miljoen.
Aan lager Lawal
Tot de voltreffers kunnen we ook Daan Heymans rekenen, die ondanks wat blessureleed over alle competities heen al aan 14 treffers en acht assists in 34 optredens zit. Zijn drie miljoen zijn prima besteed. Zelfs mocht de 26-jarige Belg geen winst meer opleveren, waarvoor het overigens nog niet per definitie te laat is, kan hij op lange termijn wel eens van goudwaarde zijn in de driehoek op het middenveld.
Dan was afwijken van het doorsnee businessmodel om Junya Ito terug naar het oude nest te lokken een iets minder goed idee. Nostalgie is zelden een goede raadgever, al zou het overdreven zijn om hem al als een flop te bestempelen. Mede door fysieke perikelen en de zware concurrentie op de flanken verscheen de 33-jarige Japanner alles opgeteld amper 19 keer aan de aftrap, maar hij trof wel al vijf keer raak.
Tot slot zijn er nog de doelmannen. De één miljoen die Genk uitgaf aan Emile Doucouré is een investering voor de toekomst, al zit er met Lucca Brughmans al een toptalent in de wachtkamer. Des te onbegrijpelijker dat De Condé ruim drie miljoen ophoeste voor Tobias Lawal. De 25-jarige Oostenrijker won wel het pleit van Hendrik Van Crombrugge tussen de palen, maar overtuigen doet hij niet. Integendeel.
De Condé duimt
Tegenwoordig gaat het zelfs van kwaad naar erger. Vooral zijn voetenwerk laat serieus te wensen over, al stapelen ook met de handen de foutjes zich op. Genk beklaagt het zich inmiddels ongetwijfeld dat het Lawal, net zoals Erabi en Yokoyama, meteen voor vier jaar heeft vastgelegd. En vorige zomer meer dan de helft van het beschikbare budget in een trio stak dat sportief geen enkele meerwaarde biedt.
Nieuwkomers hebben in Genk wel vaker een aanpassingsperiode nodig. Het past er zelfs binnen de proactieve aanpak om op voorhand te anticiperen op uitgaand verkeer. Zo is het de bedoeling dat Yaimar Medina straks de fakkel overneemt van Joris Kayembe links achterin. Wie weet vinden Erabi en co. dus alsnog hun draai. In de Europe Play-Offs is er alvast iets meer ruimte om wat te experimenteren.
Net als zijn neus voor talent staan de (ver)koopmanskunsten van De Condé, die met Bibout na Ally Samatta, Paul Onuachu en Tolu alweer een ruwe diamant vond voorin, buiten kijf. Niemand klaagt ook wanneer producten van eigen kweek als Robin Mirisola, Noah Adedeji-Sternberg en Josué Kongolo haasje-over doen met Erabi, Sor of Mujaid Sadick. Alleen blijven die uitgaven dan beter achterwege.
Arne Decraene