Ivan Leko lijkt bij Club Brugge aan een opvallende comeback te werken. De trainer wil een afgeschreven pion opnieuw in beeld brengen, ook al ligt dat intern bijzonder gevoelig en botst het compleet met de lijn van het bestuur.
LEES OOK: 'Club Brugge sputtert: ingreep Leko doet bestuur steigeren'
Leko zet deur weer op een kier voor NilssonDe invalbeurt van Gustaf Nilsson op Westerlo was op het eerste gezicht een detail in een lastige wedstrijd voor Club Brugge. In werkelijkheid zei dat moment veel over de huidige status van de Zweed én over de manier waarop Ivan Leko naar zijn kern kijkt. Nilsson werd niet ingebracht omdat hij plots weer een volwaardig deel uitmaakt van de sportieve plannen van Club Brugge. Hij werd gebracht omdat blauw-zwart na de blessure van Hans Vanaken houvast zocht en in de slotfase nog één profiel over had dat iets anders kon brengen. “Nood breekt wet, dacht de Kroaat: Ik wou er wat power tegenover zetten”, schreef Het Laatste Nieuws. Anderzijds stelde de krant dat ze op de eretribune bijna helemaal gek werden toen de Kroaat Nilsson nog eens van onder het stof haalde.

Nilsson is vandaag geen vergeten dossier meer, maar ook geen speler die weer op weg is naar eerherstel. Hij zit ergens daartussenin: overbodig in de grote lijnen van het beleid, maar nog altijd bruikbaar in heel specifieke wedstrijdsituaties voor Leko. De Zweed is al maanden op een zijspoor gezet, terwijl Leko hem tegelijk niet helemaal wil loslaten als specifiek profiel in zijn kern. Die dubbele realiteit werd eind februari nog eens scherp samengevat door Het Laatste Nieuws. Het avontuur van Nilsson lijkt voltooid verleden tijd, maar hij werd door Leko al twee keer van onder het stof gehaald. Desondanks blijft zijn situatie onveranderd: “Van het management en het bestuur dient hij te vertrekken.” Club wil al langer naar een afscheid toewerken en die koers is ondanks de recente invalbeurten niet veranderd.
Nilsson krijgt plots weer een stem in Brugge
Toch spreekt Leko in het openbaar niet over Nilsson als een afgeschreven speler. Integendeel. Na de invalbeurt tegen Standard stelde de Kroaat in Het Nieuwsblad: “In het voetbal kan het snel gaan.” Hij gaf meteen ook aan waarom Nilsson voor hem nog een nut heeft: “Gustaf ligt, zoals elke kernspeler, onder contract. En hij heeft een uniek profiel. Als we een match moeten openbreken - desnoods met twee spitsen - kan hij erg nuttig zijn. Ik heb drie spitsen, en ze hebben allemaal hun eigen kwaliteiten.” Een paar dagen later trok Leko die lijn nog verder door. Op de vraag naar de pikorde tussen Romeo Vermant en Nicolò Tresoldi antwoordde hij in Het Nieuwsblad: “Er is geen hiërarchie tussen mijn spitsen en zo communiceren we dat ook naar hen toe. (…) En we hebben ook Gustaf Nilsson nog. Ze zijn alle drie belangrijk voor het team.”

Dat klinkt diplomatisch, maar de feiten vertellen iets anders. In de praktijk zijn Tresoldi en Vermant de spitsen rond wie het verhaal van Club Brugge draait. Nilsson komt alleen in beeld wanneer omstandigheden daarom vragen. Tegen Standard viel hij in nadat ziektegevallen de Brugse opties hadden uitgedund. Het Laatste Nieuws schreef toen veelzeggend: “Bij wie zelfs Gustaf Nilsson nog eens mocht invallen. Dat zegt genoeg.” Ook Het Nieuwsblad plaatste die invalbeurt in haar juiste context: de Zweed was overbodig, mocht vorige zomer en deze winter weg, maar bleef uiteindelijk. Dat hij bij zijn entree applaus kreeg van de tribunes, was vooral een menselijk moment na een lange periode in de schaduw. Het veranderde niets aan zijn plaats in het grotere plaatje.
Van miljoenentransfer naar dossier dat blijft etteren
Dat grotere plaatje gaat terug tot zijn transfer naar Club Brugge. Nilsson kwam over van Union als een duur profiel dat gewicht, diepgang en efficiëntie moest toevoegen. De transfersom lag rond 6,4 à 6,9 miljoen euro, bonussen inbegrepen. Zijn eerste maanden waren niet dramatisch. Integendeel, er waren periodes waarin zijn statistieken degelijk oogden en waarin hij toonde waarom Club in hem had geïnvesteerd. Maar gaandeweg werd duidelijk dat het geheel niet klopte. Blessures bleven terugkomen, met vooral achilles- en kuitproblemen, en tegelijk bleek Nilsson voetballend niet altijd de meest natuurlijke match in een ploeg die hoog wil spelen, veel druk zet en in balcirculatie snelheid en technische zuiverheid vraagt.
Dat spanningsveld werd almaar groter. Vorige zomer kwam Nilsson al in de etalage terecht. Het Nieuwsblad meldde eind augustus dat hij geen toekomst meer had bij Club Brugge en al na één seizoen mocht vertrekken. Het Laatste Nieuws koppelde dat niet alleen aan zijn tegenvallende prestaties en blessuregevoeligheid, maar ook aan het bredere clubverhaal: Club koos voluit voor de jeugd, wilde perspectief bieden aan (de ondertussen vertrokken) Kaye Furo en zag in Vermant en Tresoldi de spitsen van de nabije toekomst. Nilsson werd daardoor niet alleen sportief voorbijgestoken, maar ook strategisch.

Zelfs toen er eind augustus nog geen transfer was, bleef hij tussen de twee werelden hangen. Nicky Hayen liet in Het Nieuwsblad verstaan dat spelers die er zijn, ook gebruikt kunnen worden, en dat hij niet rouwig zou zijn als Nilsson bleef. Maar tegelijk was het duidelijk dat Club hem liever verkocht. Dat is sindsdien de constante gebleven: de club wilde van Nilsson af, maar vond geen structurele oplossing. In de herfst en vroege winter werd dat alleen maar pijnlijker. Analisten begonnen zich openlijk vragen te stellen.
Hein Vanhaezebrouck schreef in zijn column voor Het Nieuwsblad kort en scherp: “Nilsson is afgeschreven.” Marc Degryse vroeg zich in Het Laatste Nieuws af: “Waarom zit Nilsson op de bank als je hem toch niet gebruikt?” Franky Van der Elst noemde zijn beeld op de bank “triestig” in Het Nieuwsblad. Het waren uitspraken die niet alleen iets zeiden over Nilssons sportieve situatie, maar ook over hoe vreemd zijn dossier begon aan te voelen: Club hield een profiel achter de hand dat het eigenlijk niet meer wilde gebruiken, terwijl net dat type spits in sommige wedstrijden nog van pas kon komen.
Leko wil comeback, bestuur ziet liefst vertrek
Daar kwam de wintermercato bovenop. Club Brugge wilde geen nieuwe nummer negen halen; de prioriteit diep voorin lag net bij de verkoop van Nilsson. Het Laatste Nieuws stelde eind december zelfs dat de komst van een nieuwe spits uitgesloten was en dat het huiswerk van het bestuur zich beperkte tot zijn verkoop. Daarom trok Nilsson begin januari ook mee op stage naar Marbella. Een fitte speler verkoopt nu eenmaal makkelijker dan een speler die apart traint. Maar precies daar liep het opnieuw fout. Op stage liep hij een kuitblessure op. De timing kon nauwelijks slechter. Er was interesse uit de Bundesliga en ook uit Turkije, maar een geblesseerde spits zonder ritme verkoop je in januari amper.
De recente invalbeurten onder Leko hebben dat niet veranderd. Ze hebben vooral aangetoond dat er in een lang seizoen altijd momenten komen waarop een coach toch teruggrijpt naar een speler die in de plannen van de clubleiding eigenlijk al weg is geschreven. Daarmee komen we vanzelf bij Leko uit. Ook zijn situatie bij Club Brugge verklaart iets van Nilssons huidige rol. De wintermercato bracht intern niet volledig wat men wilde en er was onenigheid” was tussen de verschillende departementen, met onder meer het management enerzijds en Ivan Leko anderzijds. Dat hoeft niet exclusief over Nilsson te gaan, maar het past wel in een bredere realiteit: Leko kijkt in de eerste plaats naar wat hij op korte termijn nodig heeft om wedstrijden te winnen, terwijl het bestuur en management ook de middellange termijn en de marktwaarde van spelers bewaken.

In een intense, soms chaotische manier van voetballen kan een speler als Nilsson plots weer relevant worden als de controle wegvalt, de match draait en Club directer moet spelen. Dat was exact wat op Westerlo gebeurde na de blessure van Vanaken. Zonder zijn kapitein verloor Club zijn rust en zijn passing tussen de lijnen. Dan wordt een targetspits plots weer een noodoplossing. Maar een noodoplossing is nog geen nieuwe start. Alles wijst erop dat Nilsson sportief niet meer structureel geïntegreerd raakt bij Club Brugge. Leko kan hem nog gebruiken als breekijzer, als alternatief profiel of als late wissel wanneer een wedstrijd om lengte en power vraagt. Alleen verandert dat niets aan de hiërarchie, niets aan de transferintentie van de club en niets aan het feit dat Nilsson al maanden tussen bank, tribune en transferlijst balanceert.
Olivier Plancke