Bart Verhaeghe zette zelf mee de lijnen uit bij Club Brugge, en net daar wringt het nu. Nu de Champions League voorbij is en de beker al weg is, staat alles in het teken van de landstitel. En als blauw-zwart straks niet triomfeert, schuift de druk niet alleen door naar de kleedkamer, maar ook naar de voorzitter die deze kern mee bouwde.
LEES OOK: Duizelingwekkend! Club verdient dít bedrag aan UCL-campagne
Na Europa rest één verdict: Verhaeghes kern moet leverenNu de Champions League voorbij is en de beker al eerder verloren ging, blijft voor Club Brugge nog maar één doel over: de twintigste landstitel. De komende weken beslissen niet alleen over de titel, maar ook over de vraag of de keuzes van Club Brugge dit seizoen juist waren. Want de paradox van dit seizoen zit niet enkel in de resultaten. Ze zit dieper, in de samenstelling van de kern én in de rol van voorzitter Bart Verhaeghe. Club Brugge is vandaag goed genoeg om Atlético Madrid en FC Barcelona pijn te doen, maar tegelijk te onevenwichtig om in België week na week vanzelfsprekend dominant te zijn. En net daarin komt de stempel van de voorzitter volop naar voren.
Dat Club Europees gegroeid is, valt moeilijk nog te ontkennen. Club heeft dit seizoen een nieuwe stap hogerop gezet in de Champions League. Niet alleen de resultaten, maar ook de manier van spelen viel op: zes goals tegen Rangers, vier tegen Monaco, drie tegen Barcelona, drie tegen Marseille en drie tegen Atlético. Club dacht deze campagne niet alleen aan het resultaat, maar ook aan het spektakel. Club toonde zich bewonderenswaardig en complexloos. Ze werden met 4-1 uitgeschakeld tegen Atlético, maar de prestatie lag dichter bij de Europese subtop dan de uitslag deed vermoeden.

Dat is geen toeval. Het is het resultaat van een beleid dat onder Bart Verhaeghe al jaren mikt op structurele groei, hogere plafonds en een agressievere voetbalidentiteit. Het Laatste Nieuws noemde Club niet voor niets “De Blauw-Zwarte Droomfabriek”, intussen al vele Champions League-avonden ver in het Verhaeghe-tijdperk. De voorzitter heeft jarenlang ingezet op modernisering, data, internationale ambitie en een duidelijke spelvisie. Het Laatste Nieuws omschreef dat denken nog als een model waarin Club dominant, hoog en met lef moet spelen. Dat is exact wat Europa dit seizoen geregeld heeft gezien.
Hier loopt het fout: kern vol klasse, maar uit balans
Maar precies daar botst Club ook op zijn eigen grenzen. Want het Europese plafond ligt hoger dan de stabiliteit in de resultaten in België. De ploeg heeft voldoende kwaliteit om Europese topavonden te spelen, maar niet altijd voldoende evenwicht om in België automatisch constant te leveren. Denk aan de bekeruitschakeling tegen Charleroi, een dubbele voorsprong tegen La Louvière weggegeven, …Dat waren niet zomaar accidenten, maar wedstrijden waarin een structureel probleem zichtbaar werd: deze ploeg heeft veel kwaliteit, maar is niet op alle posities en in alle wedstrijdomstandigheden even sterk samengesteld.
Marc Degryse benoemde dat in Het Laatste Nieuws expliciet: “Deze kern is onvoldoende evenwichtig samengesteld.” Daarin zit de essentie van de paradox. Club heeft veel talent, een hoge marktwaarde en spelers die op grote avonden topniveau halen. Maar de selectie lijkt minder logisch uitgebalanceerd dan die kwaliteiten doen vermoeden. Er zit veel potentieel, veel doorverkoopwaarde en veel offensieve bravoure in, maar minder zekerheid dat de ploeg ook in moeilijke Belgische uitmatchen vanzelf overeind blijft.
Die vaststelling raakt meteen aan Bart Verhaeghe. Niet alleen omdat hij voorzitter is, maar omdat hij de ideologische motor van het hele model blijft. Verhaeghe heeft de voorbije jaren herhaaldelijk duidelijk gemaakt dat hij trainers ‘maar’ als een deel van het groter geheel ziet. De structuur primeert. Trainers zijn passanten; de club, haar data, haar selectiepolitiek en haar overkoepelende voetbalvisie moeten standhouden boven individuele coaches. Dat klinkt rationeel en modern, maar het betekent ook dat de verantwoordelijkheid voor het evenwicht van de kern veel nadrukkelijker bij de clubleiding zelf ligt.

En dus ook bij Verhaeghe. Want als de trainer niet het hoofdverhaal is, dan zijn transferkeuzes, profielkeuzes en de samenstelling van de selectie dat wel. Op dat vlak zijn er dit seizoen duidelijke signalen geweest dat niet alles vlekkeloos liep. Het Laatste Nieuws meldde dat de wintermercato niet het gewenste resultaat opleverde. Bepaalde targets werden gemist, over andere dossiers was er onenigheid tussen de verschillende departementen. Daarbij waren onder meer het management en Ivan Leko het niet altijd eens. Dat wijst op meer dan gewone transferfrictie. Het toont dat de evenwichtsoefening in de kern niet alleen sportief moeilijk is, maar ook intern onderwerp van discussie was.
Bart Verhaeghe
De druk stijgt: alle pijlen wijzen naar Verhaeghe
Ook Het Nieuwsblad schreef dat de fans hun pijlen op het bestuur zouden richten als er eind mei geen triomf volgt, precies omdat Club Brugge zich opnieuw niet voluit versterkte waar de achterban dat verwachtte. Er was opnieuw vraag naar aanvallende versterking, maar de mercato leverde niet de brede correctie op waarop velen hadden gerekend. In dat opzicht is de onevenwichtigheid van de kern geen puur toevallig resultaat van vormdippen of pech. Ze hangt samen met de keuzes die in het bestuur zijn gemaakt.
Dat sluit aan bij bredere analyses over het huidige model. Knack schreef dat Club na het vertrek van Vincent Mannaert zijn rekruteringsmethoden heeft moeten herzien. Er kwam meer nadruk op intern ontwikkelde databanken, op talentprofielen en op een aanpak die nog altijd wordt verfijnd. Dat hoeft op lange termijn geen zwakte te zijn. Integendeel, het past perfect in Verhaeghes geloof in maakbaarheid, processen en innovatie. Maar het helpt wel verklaren waarom een kern tegelijk veel potentieel en toch hiaten kan bevatten. Een ploeg kan perfect duur, talentvol en Europees gevaarlijk zijn, maar nog altijd op bepaalde plekken onvoldoende uitgebalanceerd voor de dagelijkse realiteit in de Jupiler Pro League.

Dat maakt Verhaeghe tot meer dan alleen de architect van het succes. Hij is ook de bewaker van de norm én mee de mede-auteur van de spanningen. Dat zag je dit seizoen in zijn manier van optreden. Hij verhoogde de druk al in december bij het ontslag van Nicky Hayen, toen hij stelde dat Club “een topploeg” is, “pas derde staat met veel te weinig punten” en dat dit “niet aan de kwaliteit van de selectie” ligt. “Het is trouwens mijn kapitaal”, zei hij toen. Die woorden waren belangrijk, omdat ze zijn hele redenering samenvatten: volgens Verhaeghe is de kern op papier goed genoeg, en moeten motivatie, intensiteit en uitvoering dus op niveau zijn. Maar net daar zit de spanning. Want als analisten, media en fans allemaal vaststellen dat de kern onvoldoende evenwichtig is, dan verschuift het probleem net wél deels naar de samenstelling van dat kapitaal.
Verhaeghe heeft die druk nadien nog opgedreven. Het Laatste Nieuws meldde vorige week dat hij begin februari in het Basecamp opnieuw alle geledingen samenbracht om de boel op scherp te zetten. De landstitel werd intern nog eens als absolute must benoemd. Ook CEO Bob Madou hield die lijn aan. “Wij menen dat we een kern hebben om eerste te worden”, zei hij. Zo’n uitspraak is tegelijk logisch en riskant. Ze bevestigt de ambitie van een topclub, maar neemt ook elk excuus weg. Als de ploeg dan nog struikelt, komt de blik automatisch terug op wie de norm heeft bepaald én wie de kern heeft helpen samenstellen.
Nu komt de afrekening: titel of zware miserie
Dat is waarom de huidige titelrace ook een test is van Verhaeghes model. Europees heeft hij zijn gelijk grotendeels gehaald. Club Brugge is vandaag geen kleine club meer die alleen maar hoopt te overleven. De ploeg heeft lef, kwaliteit, ervaring en uitstraling. Maar in België wordt een ander soort kwaliteit gevraagd: constante intensiteit, betrouwbaarheid, evenwicht, weerstand tegen terugval. Precies daar zijn de barsten zichtbaar geworden. Niet omdat Club te weinig talent heeft, maar omdat de verhouding tussen ervaring, jonge profielen, directe impact en presteren in elke wedstrijd omstandigheid niet altijd even vanzelfsprekend klopt.

Club Brugge is vandaag het product van een ambitieus model dat door Verhaeghe naar een hoger niveau is getild, maar datzelfde model heeft een kern opgeleverd die Europees kan schitteren en tegelijk in eigen land nog te vaak uit balans slaat. Dat maakt de komende weken zo zwaar geladen. De Champions League heeft bewezen hoe hoog Club kan reiken. De titelstrijd zal nu uitwijzen of Verhaeghes Club ook voldoende evenwichtig is samengesteld om in België gewoon te doen wat moet.
Olivier Plancke