KRC Genk gaat als leider het nieuwe jaar in. Het zit ook nog in de Beker van België, waardoor de club mag dromen van een allereerste dubbel in de clubgeschiedenis. Sinds Dimitri De Condé zeven jaar geleden de sportieve macht kreeg, is Racing Genk meer en meer uitgegroeid tot de grote uitdager van Club Brugge. Niet Standard, niet Anderlecht, niet AA Gent en niet Royal Antwerp FC. Een relaas.
Royal Antwerp FC wordt in het algemeen beschouwd als de club die de strijd aangaat met Club Brugge, nadat RSC Anderlecht de afgelopen jaren toch wel stevig terugviel. Paars-Wit werkt aan de terugkeer, maar concurreren met Club Brugge zit er nog niet in. Dat lukt Antwerp ook moeizaam. Sinds Paul Gheysens met bergen geld kwam aanzetten werden er tal van grote transfers afgerond. Dat leverde echter nog maar één Beker van België op. Antwerp eindigde de afgelopen jaren niet één keer in de top twee, wat toch wel een blamage is als je ziet welk geld er de afgelopen vier jaar is gespendeerd.

SUCCES WORDT REGELMATIGER
AA Gent zette net als Anderlecht een stap terug, ondanks een bekerwinst. Union SG kietelt voorlopig, maar kunnen zij dit jaren volhouden? Standard komt net als Anderlecht van héél ver terug. Enter KRC Genk. Op 16 maart 2015 stelde de club Dimitri De Condé aan als technisch directeur en dat blijkt een gouden zet te zijn geweest. Racing Genk was voordien een club die af en toe succes had, maar ook heel diepe dalen kende die jarenlang duurden. De Condé wilde een winnaarsmentaliteit in de club krijgen. Niet meer tevreden zijn met sporadisch succes. De Condé is daar nog steeds mee bezig en het was dan ook een ferme tegenvaller dat Genk vorig jaar weer een seizoen kende zoals voorheen. Het eindigde achtste. Sinds De Condé aan het roer staat werden de Limburgers 4de, 8ste, 5de, 1ste, 7de, 2de, 8ste en nu staat de club 1ste.
Het is duidelijk dat Racing Genk stappen voorwaarts zet. Vroeger was de club financieel nog niet klaar om om te gaan met een landstitel. De club kende nadien verschillende moeilijke jaren, maar die ‘moeilijke’ jaren worden steeds korter. KRC Genk werd in 2019 kampioen. Twee jaar later werd het weer tweede en ook dit jaar speelt Genk weer volop mee voor de landstitel. In de bijna 8 jaar dat De Condé de sportieve touwtjes in handen heeft werd Genk kampioen, won het de beker en een supercup. Daarnaast greep het ook net naast een landstitel, een supercup en verloor het een bekerfinale. Dit jaar doet het weer mee voor de prijzen. Genk speelde sinds maart 2015 dus mee voor 8 tot 9 Belgische prijzen. Chapeau.

UITGEKIEND BELEID
Dat komt door de financiële sterkte van de club. Racing Genk heeft ondertussen al jaren een uitstekend transferbeleid en mede daardoor heeft de club samen met Club Brugge de sterkste financiële basis. Er zijn geen rijke investeerders in de Cegeka Arena, wat het des te knapper maakt. Als Genk dit jaar een titel zou winnen, kan het mogelijk genieten van de vetpotten van de Champions League. De club weet zijn sterkhouders gemiddeld 2 tot 3 jaar te houden en die stabiliteit zorgt voor succes. Ook in de bestuurskamer is er minder verloop. Na een ‘crisis’ sneuvelden daar te vaak mensen. Peter Croonen zit er al jaren als voorzitter, Dimitri De Condé werd nog belangrijker gemaakt als Head of Football.
Het laatste schakeltje dat af en toe nog kapot ging, wat dat van de trainer. Met Wouter Vrancken lijken ze daar ook een stap voorwaarts in te hebben gezet. Racing Genk groeit steeds meer uit tot dé uitdager van Club Brugge. Transfers van 6-7 miljoen euro zijn geen uitzondering meer in Limburg. Genk bewijst dat met een uitgekiend beleid het zeker mogelijk is om de top te bestormen en er stilaan ook te blijven. Daarvoor is niet altijd een rijke buitenlandse eigenaar voor nodig… Geen woorden maar daden. De strijdkreet van de fans weerklinkt ook in de catacomben van het stadion.
CR
Claudio Reulens