Met nog enkele dagen tot het Europees Kampioenschap voetbal in Polen en Oekraïne voor de boeg, lijkt het hele land al klaar voor de eindronde van het wellicht mooiste spelletje van de wereld. De wedstrijden van vrijdag, Polen – Griekenland en het treffen tussen Rusland en Tsjechië, kunnen me in principe gestolen worden. Het gaat om zaterdag. Het Oranje van Bert van Marwijk kan heel Nederland op z'n kop zetten door gelijk al drie punten te pakken tegen de Denen. En wat te denken van de kraker tussen Duitsland en Portugal die daar op volgt.
Het was pas medio mei toen ik nietsvermoedend een straat inreed in het altijd idyllische Spijkenisse. Alles oranje. Met nog ruim drie weken voor het EK was de gehele straat aan weerszijden al versierd. Oranje vlaggetjes van onder tot boven, van links naar rechts en elk balkonnetje van de flat in de volksbuurt deed mee. Op die momenten gaat het bij mij altijd al kriebelen, begint het eerste kippenvel te komen en kan ik niet wachten tot de eerste wedstrijden van 'Ons Oranje'. Wat het voetbal al niet teweegbrengt bij zo een groot deel van de natie, ik blijf me erover verbazen.
Eigenlijk mag het niet. Een (aankomend) journalist die een voorkeur uitspreekt, is niet meer objectief. Althans, dat las ik in het boek
Prettig Verslaafd (aanrader!) van Mart Smeets. In een passage verklaart de nestor van de Neerlandse sportjournalistiek dat hij geen extra gevoel heeft als er een Nederlander op de baan – het ging over schaatsen – staat. Dat hoort bij de grondwetten van de journalistiek en heeft met objectiviteit te maken. Objectief is sowieso al een overrated begrip. Ieder mens groeit op met andere normen en waarden en heeft daarom een eigen visie bij het omschrijven van een gebeurtenis. Nee, naar mijn mening kun je gerust je voorkeur uitspreken voor een land, zoals Nederland op het komende EK. Echter moet je wel zo 'objectief' kunnen blijven door het toe te geven wanneer een tegenstander beter is dan wij. Noem mij dan maar een slechte journalist, ik ben tenminste wel een eerlijke.
Trouwens, heeft subjectiviteit niet geleid tot prachtige momenten in de jongste historie van de sportjournalistiek? Denk aan 1998, Nederland – Argentinië, kwartfinale. Het stukje radiocommentaar van Jack van Gelder is zo legendarisch dat ik er keer op keer kippenvel van kan krijgen. Het bekant hysterische gegil als DENNIS BERGKAMP scoort na de lange pass van Frank de Boer zal ik nooit vergeten. Ook op het EK van 2008 is het genieten geblazen als Nederland zich net zo gemakkelijk als onverwachts ontdoet van grootmachten Frankrijk en Italië. Ik verheug me met name al op het duel tussen Oranje en de Duitsers. Televisie aan, geluid uit en het radiocommentaar - dat vaak wat voorloopt - van Van Gelder erbij. Dan nog even winnen, want belangrijke overwinningen van Nederland zorgen ook nog eens voor verbroedering van de maatschappij. Allen een goed EK toegewenst, ik kan in elk geval niet wachten tot het begint.
LEES OOK:
Noa Lang doet pittige onthulling over horrorblessure