Huub Stevens behoedde VfB Stuttgart voor degradatie uit de Bundesliga. Meteen daarna nam hij ontslag. Eerder dit seizoen was hij ook nog werkzaam voor de Griekse topclub PAOK Saloniki.
"Elf weken achter elkaar zijn we zeven dagen per week meer dan twaalf uur per dag bezig geweest. Ze zaten vol met angst en er was sprake van ongezonde groepjesvorming. In de ene hoek van de kleedkamer zaten er een paar in het Frans te praten, in de andere hoek spraken ze Duits. Dat kan niet. Duits en Engels werden de voertaal, dat verstaat iedereen", vertelt Stevens over de situatie bij Stuttgart aan
Voetbal International.
"Ik kreeg een staande ovatie in de kleedkamer toen ik na de handhaving vertelde dat we zouden vertrekken. Het was mooi geweest. Het lichaam had me al een paar signalen gegeven dat ik toe was aan rust. Ik sliep ontzettend slecht. Zeker na wedstrijden. Eigenlijk was dat al vanaf het eerste duel zo. En we waren kapot van vermoeidheid."
"In slaap komen kostte geen moeite, maar ik werd telkens om een uur of vier ’s ochtends wakker en kon dan meestal niet meer slapen. Ik schoot wakker en dan begon die ploeg weer door mijn hoofd te spelen. Ik wilde weer aan de slag, dingen verbeteren. Als je dat elf weken op rij hebt, breekt je dat op. Ik denk dat ik tegen een burn-out aan zat."