Jan Mulder werd een poos geleden genadeloos aan de kant geschoven door VTM. De Nederlandse analist en oud-voetballer van Anderlecht laat echter nog steeds zijn voetbalhart spreken. Mulder brak nu emotioneel bij de club van zijn hart.
LEES OOK: Boskamp in mediastorm: reacties komen keihard binnen
Zonder stuurman op zeeJan Mulder heeft nog steeds een veel gelezen column bij het weekblad Humo. Daar laat hij zijn licht schijnen op het Europese voetbal en vaak gaat het daarbij ook over... Anderlecht. De voormalig analist heeft dan ook een enorm Paars-Wit hart, dat onbreekbaar is.
De chaos rond de trainerswissels bij Paars-Wit vormt het hart van zijn meest recente schrijfsel. Anderlecht zit vlak voor de cruciale bekerwedstrijd zonder hoofdcoach (mogelijk komt er snel goed nieuws), alsof dat de normaalste zaak van de wereld was.
Mulder stelt de pijnlijke vraag of een trainer in deze context überhaupt nog verschil maakt. Het bestuur lijkt verlamd door interne machtsspelletjes, waarbij sportieve logica het moet afleggen tegen bestuurlijke intriges. Het vertrek van (interim-)trainers en assistenten versterkt het beeld van een club die zichzelf niet meer kan vasthouden. Wat Mulder bijzonder goed blootlegt, is de mentale tol voor wie Anderlecht een warm hart toedraagt.
Loyaliteit wordt bijna een last
Van spelers en staf wordt verwacht dat ze blijven geloven, terwijl de fundamenten onder hun voeten verschuiven. Het charisma waar men zo naar zoekt, lijkt telkens net buiten bereik te liggen. De club vraagt begrip voor haar fouten, maar maakt het haar achterban bijna onmogelijk om nog te volgen.
"Ik zag de laatste wedstrijden van Anderlecht, ik dacht aan begrafenissen, en ook dat Eddy Wally’s hit ‘Ik spring uit een vliegmachien’ een mooi Vlaams equivalent van ‘Waarheen, waarvoor’ is", zo omschrijft Mulder het plastisch maar wel treffend.
Kan Anderlecht ondanks de bestuurlijke crisis toch de bekerfinale bereiken? Straks staat het alvast voor een enorm zware opdracht op de Bosuil.
Maarten Coenen