PSV kreeg wel degelijk staatssteun van de gemeente Eindhoven. Dat is een eerste conclusie uit het onderzoek van de Europese Commissie (EC). Twee weken terug wenste de Commissie nog niet op de zaken vooruit te lopen, maar blijkt nu toch dat zij de steun van de gemeente aan PSV afkeurde.
"De transacties geven PSV een selectief voordeel. Daarom concludeert de commissie in deze fase dat de gemeente PSV staatssteun heeft verleend", valt te lezen in een brief van Joaquin Almunia, de vicevoorzitter van de Europese Commissie. Deze brief is in handen gekomen van de
Volkskrant.
De EC plaatst met name vraagtekens bij de taxatie van de grond die PSV verkocht aan de gemeente. De Commissie verwijt de gemeente niet als een commerciële partij te hebben gehandeld. "Zij bouwde garanties in om de transactie neutraal te maken voor de begroting. Dit zou niet acceptabel zijn geweest voor een gemiddelde investeerder in een markteconomie."
PSV zou op twee verschillende gebieden profiteren van de verkoop. "Via de verkoop de erfpacht kan PSV de hypotheek en andere leningen met een veel hogere rente aflossen, in ruil voor de betrekkelijk lage rente die het de gemeente moet betalen."
Uiteindelijk zal er niet bijster veel aan de hand zijn voor PSV. De Commissie gaat nu bepalen of de gemeente Eindhoven teveel heeft betaald voor de grond. Als dit het geval blijkt, zal de club het verschil terug moeten betalen. Dit hoeft niet in één keer, maar in diverse termijnen.
PSV verkocht in de zomer van 2011 de grond onder het Philips Stadion en trainingscomplex De Herdgang voor een bedrag van 48.385.000 aan de gemeente Eindhoven. Daarmee hielp de gemeente de club uit de financiële problemen en kon PSV onder meer Georginio Wijnaldum, Kevin Strootman en Dries Mertens naar de club halen.
LEES OOK:
Kompany kent tegenstander bekerfinale, doelpuntenkermis PSV