Ondanks veel (onnodig) puntenverlies, nestelt KRC Genk zich toch in de top drie van het klassement. Dat stemt voorzitter Herbert Houben uitermate tevreden. Volgens de preses zette de Limburgse club grote stappen vooruit.
Genk slingerde de voorbije jaren tussen grote vreugde en diepe teleurstellingen. Die schommelingen zijn nu voorbij, dixit Houben. "De ondergrens lijkt nu opgetrokken", aldus de voorzitter in
Gazet van Antwerpen. "Ook al moesten we veel nieuwe spelers inpassen en werkten we een druk programma af, we zakten nooit uit de top zes."
De Limburgers verwezenlijkten afgelopen transferperiode twee
transfers. Tot op heden komen de nieuwkomers nog niet aan de bak. "Zij hebben hun tijd nodig om fysiek op ons niveau te geraken en te integreren", sust Houben. "Kara en Ojo waren een opportuniteit. We wilden hen er voor volgend seizoen zeker bij en konden het risico niet lopen om te lang te wachten."
Genk kampt intussen met een (over)volle spelerskern. Dat heeft ook zijn voordelen, zo vindt Houben. "We hebben nooit eerder een spelersgroep van dit niveau gehad. Vorig jaar waren wij bijvoorbeeld enorm afhankelijk van Kevin De Bruyne. Nu staan we verder, kunnen we elke afwezigheid opvangen", aldus een tevreden voorzitter.
LEES OOK:
‘KRC Genk zet zinnen op ervaren international’