Het zijn moeilijke tijden voor
Club Brugge-aanvaller Nabil Dirar. Ondanks zijn doelpunt afgelopen zaterdag tegen Tubeke (3-1 winst) zit de 22-jarige Marokkaan niet goed in zijn vel. Hij verwijt zijn collega’s dat ze achter zijn rug over hem praten, terwijl het ook met een deel van het publiek niet lijkt te boteren.
"Ze praten achter mijn rug", zegt Dirar over zijn ploeggenoten in
Het Laatste Nieuws. "Sommigen verwijten me dat ik niet ernstig genoeg ben en niet hard genoeg werk. Ik noem geen namen. Het moet nu stoppen. Gelukkig steunen de trainer en hulptrainer me. Zonder hen was ik nu al ontploft."
Voor Club Brugge-trainer Jacky Mathijssen lijkt er vooralsnog weinig aan de hand te zijn. "Op het veld heb ik nog niks verkeerds gemerkt. Maar als er iets is, zal ik dat gelijk oplossen. Ik zal dit niet laten uitgroeien tot een echt probleem". Ook bij de supporters kan de Marokkaanse spits weinig goed doen. Hij zou het spel in hun ogen teveel vertragen.
"Ik had de indruk dat ik de bal tegen Tubeke geen drie seconden mocht bijhouden", laat Dirar in de krant weten. "Het is moeilijk om geconcentreerd te blijven als het publiek negatief reageert. De fans hebben me zaterdag niet echt geholpen, maar ik geloof nog altijd dat ik de ploeg beter kan laten voetballen. Als de fans me iets willen zeggen, mogen ze na de training naar mij toe komen. Ik sta altijd ter beschikking voor een gesprek.
Nabil Dirar kwam afgelopen zomer over van Westerlo. Hij kon toen onder meer rekenen op de belangstelling van Ajax, Heerenveen,
Anderlecht en Standard Luik. Het werd uiteindelijk Club Brugge, waarvoor hij tot dusverre twee goals maakte.