Anderlecht zit verveeld met de hele Goto‑zaak, en dat is logisch. De spits die ze zelf lieten vertrekken, ontploft bij STVV én keert zich nu openlijk af van paars‑wit. Zijn goal en reactie tegen zijn moederclub deden pijn, maar tonen vooral hoe hard Anderlecht zich mispakt heeft.
LEES OOK: Goto respectloos? Anderlecht-spelers zwaar op plaats gezet
Hoe Anderlecht zijn eigen goudklompje liet glippenHet verhaal is bekend. Anderlecht leende Keisuke Goto uit aan STVV, zonder aankoopoptie. In Brussel ligt hij nog onder contract tot 2028. In Sint-Truiden groeide hij uit tot één van de revelaties van het seizoen. Hij staat aan dertien goals, en zijn marktwaarde is stevig gestegen: Transfermarkt schat de 20-jarige spits op 8 miljoen euro. En dat terwijl Anderlecht heel dit seizoen sukkelt met zijn spitsen. Danylo Sikan viel uit, Adriano Bertaccini overtuigt niet helemaal en Mihajlo Cvetkovic kan verkocht worden. Intussen maakte Goto bij STVV precies de stappen waarop Anderlecht had gehoopt — alleen niet in het paars-witte shirt.
De emotionele breuk werd zichtbaar na STVV–Anderlecht. Goto scoorde, vierde uitbundig met de thuisfans, en toonde opvallend het Truiense logo op zijn shirt. Dat schoot bij enkele Anderlecht-spelers in het verkeerde keelgat. Ludwig Augustinsson en Colin Coosemans spraken hem er zelfs op aan. Goto reageerde scherp na de match: “Terug naar Anderlecht? Nee. Ze hadden hun kans, maar ze wilden me niet.” Toen Het Laatste Nieuws de vraag stelde of hij volgend seizoen bij Anderlecht speelt, maakte hij een knipgebaar. “Cut, cut, cut.” Dat soort uitspraken blijven hangen. Zeker omdat hij nog altijd eigendom is van Anderlecht.

De reactie bij Anderlecht was voorspelbaar: spelers waren kwaad dat een eigen huurling zo vierde tegen zijn moederclub. Maar verschillende analisten vonden dat paars-wit vooral in eigen boezem moest kijken. Philippe Albert zei op RTBF: “Zijn reactie is logisch. Hij was niet gewenst bij Anderlecht. Ik heb liever dit dan iemand die zich verontschuldigt voor een goal.” Swann Borsellino noemde de verontwaardiging zelfs hypocriet. “We zijn het beu dat spelers niet mogen juichen tegen hun oude club.” Bij Le Soir vond Guillaume Gillet dat Goto gewoon de overwinning vierde voor zijn eigen publiek. Walter Baseggio was nog directer: “Ze zouden beter naar hun eigen match kijken.” Johan Boskamp deed er in Het Belang van Limburg nog een schep bovenop: “Dat was vooral cinema. En als ze zo stoer zijn, waar was die agressie tijdens de match?”
Waarom Goto zich afkeert van paars‑wit
Goto is geen klassieke targetman, ook al is hij 1m91. Hij is groot, maar beweeglijk. Hij leeft in de zestien, maar werkt ook keihard zonder bal. Wouter Vrancken maakte van hem een moderne spits: druk zetten, combineren, diep lopen, en scherp zijn in de zestien. In januari zei Vrancken in HLN: “Ik denk niet dat er veel spitsen zijn met evenveel werkkracht als Keisuke. Zijn defensieve arbeid is uniek.” Jelle Coen, die hem kende van de RSCA Futures, voorspelde al dat hij zou renderen. “Hij brengt intensiteit, zet veel druk, en in de zestien is hij dodelijk.” Franky Van der Elst zag hetzelfde: “Je mag hem geen centimeter geven. Hij twijfelt nooit als hij ruimte krijgt.” STVV was voor hem een ideale omgeving: veel beweging, veel intensiteit, en een groep met meerdere Japanse spelers. In Brussel was zijn integratie moeilijker, zeker door de taal.
Het beeld dat Anderlecht nooit in hem geloofde, klopt niet helemaal. Ze lichtten zijn optie en betaalden ongeveer één miljoen euro aan Jubilo Iwata. Zijn cijfers bij de Futures waren sterk: dertien goals in 31 matchen. In de A-kern scoorde hij ook tegen Mechelen en Hoffenheim. Maar de echte doorbraak kwam er niet. Onder David Hubert verdween hij na een snelle wissel tegen AA Gent uit beeld. Onder Besnik Hasi werd het niet eenvoudiger. Anderlecht haalde Bertaccini en Cvetkovic, terwijl Dolberg en Vázquez er nog waren. Hasi zei later in HLN: “Ik geloofde in Goto. Hij was klaar voor het eerste elftal, maar ik kon hem geen vaste rol beloven. Hij werd ongeduldig.” Goto was te goed voor de beloften, maar kreeg geen garanties bij de A-ploeg. STVV gaf hem die wél. Nu is hij sportief gegroeid, maar emotioneel afgehaakt.
Een succesverhaal dat voor Anderlecht toch wrang smaakt
Financieel hoeft Anderlecht niet te panikeren. Volgens La Dernière Heure mikt de club op ongeveer tien miljoen euro. Het Nieuwsblad bevestigt dat Duitse clubs interesse tonen. Het bedrag is logisch: Goto is 20, international, fysiek sterk, haalt rendement in België en speelt mogelijk met Japan op het WK. Hij verkiest de Bundesliga, al volgen ook Engelse clubs hem. Voor Anderlecht is het een luxe én een dilemma. Ze kunnen een veelvoud verdienen op een speler die één miljoen kostte. Maar tegelijk riskeren ze opnieuw kritiek dat ze een eigen spits te snel laten gaan.
Hein Vanhaezebrouck zei het al in Het Nieuwsblad: “Anderlecht betaalde in de winter veel geld voor een spits, terwijl het er in de zomer al één had.” Op papier is het simpel: Goto keert na het seizoen terug. STVV heeft geen aankoopoptie. Anderlecht heeft de touwtjes in handen. Maar kan Anderlecht hem nog als eigen spits presenteren na zijn uitspraken? Kunnen supporters hem opnieuw omarmen? En wil Goto zelf nog terug naar Neerpede?HLNschrijft dat Anderlecht hem gewoon verwacht voor de voorbereiding. Logisch, want hij ligt onder contract. Maar een stevig gesprek wordt onvermijdelijk.

Voor Anderlecht is Goto een vreemd soort succesverhaal. De uitleenbeurt was sportief perfect: geen aankoopoptie, volledige controle, en een speler die in waarde explodeert. Zo hoort een huurconstructie te werken. Maar emotioneel voelt het anders. Goto werd niet alleen beter bij STVV, hij werd er ook gelukkiger. Hij kreeg vertrouwen, werd publiekslieveling, scoorde tegen zijn eigenaar, en zei daarna luidop wat veel spelers niet durven zeggen. De vraag is dus niet meer of Goto goed genoeg is voor Anderlecht. Dat heeft hij bewezen. De echte vraag is: voelt Anderlecht nog goed voor Goto?
Olivier Plancke