Bovenop het ontslag van Olivier Renard koos T1 ad interim Edward Still het ruime sop, en dus moet RSC Anderlecht donderdag tegen Antwerp zonder hoofdcoach een ticket voor de bekerfinale zien af te dwingen. Tot overmaat wordt het voor tussenpaus Jérémy Taravel puzzelen op de Bosuil, want vooral achterin oogt de spoeling bijzonder dun.
Zo moet Paars-Wit het nog een tijdje zonder Marco Kana stellen, terwijl ook Ludwig Augustinsson nog in de lappenmand ligt. Ilay Camara lijkt dan weer nog niet klaar om aan de aftrap te verschijnen, waardoor behalve nog enkele jonkies Ali Maamar, Lucas Hey, Mihajlo Ilic, Killian Sardella en Moussa Diarra overblijven als enige beschikbare verdedigers.
LEES OOK: Anderlecht in terugmatch op Antwerp toch met rode Diarra?
Rood voor DiarraAlleen dreigt dat laatste duo de return tegen Antwerp eveneens te missen. Sardella zit automatisch op het strafbankje na zijn twee gele kaarten in de heenwedstrijd, waarin Diarra rechtstreeks naar de kleedkamer werd gestuurd na een drieste ingreep op Marwan Al-Sahafi. Logischerwijze blijkt het bondsparket dan ook onverbiddelijk voor de nieuwkomer.
Het Nieuwsblad weet dat Diarra een effectieve schorsing van maar liefst drie speeldagen boven het hoofd hangt. Volgens de argumentatie van het bondsparket ging het om een niet-intentionele doch brutale overtreding met een gestrekt been én de studs vooruit. De vraag is nu of de recordkampioen akkoord gaat met het voorstel tot minnelijke schikking.
RSCA in beroep?
In dat geval ziet Diarra niet alleen de komende competitiematchen tegen La Louvière en Zulte Waregem aan zijn neus voorbijgaan, maar is hij donderdag evenmin inzetbaar. Om die reden wordt hier en daar geopperd dat de Brusselaars zich wellicht niet zomaar zullen neerleggen bij het verdict, wat zou betekenen dat het dossier dinsdag pas voorkomt.
Dan zal het Disciplinair Comité zich buigen over de strafmaat van Diarra, die zondag tegen KRC Genk aan de bank gekluisterd bleef. Vervolgens kan Anderlecht nog eens verzet aantekenen en zou het aan de Disciplinaire Raad zijn om een finaal oordeel te vellen. Dat eventueel beroep zou in dat scenario pas ná de bekerreturn behandeld kunnen worden.
Arne Decraene