Het straffe parcours in de Champions League kost Club Brugge voorlopig geen punten in eigen land. Ivan Leko is dus een tevreden man, zou je dan denken, maar tijdens zijn wekelijkse persbabbel moest er de trainer toch iets van het hart.
Met zeven zeges op een rij, inclusief twee stuks op het kampioenenbal, is Blauw-Zwart uitstekend op dreef. Met een fraaie 24 op 27 valt er in het algemeen weinig aan te merken op de competitiestart. "Dat is wat de buitenwereld ziet", wordt Leko evenwel geciteerd door Het Nieuwsblad, volgens wie hij zich stoort aan de nonchalance in zijn team.
LEES OOK: Leko doet boekje open over explosief vertrek bij AA Gent
Leko luidt alarmbel"Na de match op Inter is alles veranderd. Voor Milaan waren we ok. Goed genoeg voor België, maar niet voldoende om mee te doen in de Champions League. Nu gooit iedereen met bloemetjes en zijn we top, terwijl we dat écht nog niet zijn", vreest de coach dat zijn elftal alsmaar meer begint te zweven. "Ik voel het al een aantal weken sluimeren."
"Onze resultaten zijn ongelooflijk: wie me dit had verteld in juni had ik gek verklaard. Maar we hebben een jonge ploeg. Het is moeilijk om hen met de voetjes op de grond te houden. De voorbije weken hebben we al een aantal waarschuwingen gehad. Lokeren, Lens, STVV: dat kon erger aflopen", besluit Leko daarom om aan de alarmbel te trekken.
Arrogantie bij Club?
"Soms leeft het gevoel dat het voldoende is om uit de kleedkamer te komen en dat het wel losloopt. Dat is volledig verkeerd en moet veranderen. Ik wil een ander Club Brugge zien. Dat van de tweede helft tegen Aston Villa, Inter en Lens. We moeten die motivatie vasthouden en hongerig blijven. Prijzen worden niet verdeeld in oktober", luidt het.
"Het houdt mij écht bezig. Ik probeer mijn jongens daarom op verschillende manieren te raken. Er blijft nog steeds zoveel ruimte voor verbetering", zet Leko zijn troepen zo op scherp voor het bezoek aan Zulte Waregem. "We zullen er vanaf minuut één moeten staan. Met persoonlijkheid, inzet en grinta. Anders zal het vroeg of laat eens fout aflopen."
Arne Decraene