Kevin De Bruyne is terug, maar bij de Rode Duivels duikt daardoor meteen een nieuw probleem op. Zijn comeback zet niet alleen het spel, maar ook de rol van Youri Tielemans onder druk. Wat een luxe lijkt, dreigt stilaan een lastig evenwicht te worden voor Rudi Garcia.
LEES OOK: Nieuwe leider Duivels staat op: “Zéér serieus”
De comeback van De Bruyne zet Tielemans klemKevin De Bruyne is terug, maar zijn terugkeer maakt de Rode Duivels niet automatisch beter. Integendeel: net daar begint nu een lastige discussie. Want zodra De Bruyne weer in het hart van het spel kruipt, verandert ook de rol van Youri Tielemans. Niet een beetje, maar fundamenteel. De ene wil het spel naar zich toe trekken, de andere draagt de band en moet intussen ook het evenwicht bewaren. Wat lang een luxe leek, begint zo stilaan op een dilemma te lijken.

Dat was ook de scherpste observatie die uit deze Amerikaanse stage kwam. In Gazet van Antwerpen verwoordde Frank Raes het zonder omwegen: “Met Tielemans loopt die wisselwerking toch anders, terwijl Tielemans zijn beste matchen speelde zonder De Bruyne.” Het is een zinnetje dat veel zegt. Niet omdat Raes een persoonlijk conflict suggereert, wel omdat hij benoemt wat op het veld zichtbaar wordt: met De Bruyne erbij verschuiven zones, verantwoordelijkheden en hiërarchie.
Raes legt bloot waar het echt wringt
Dat gevoel leeft al langer. Tielemans is onder Rudi Garcia niet zomaar een middenvelder, maar de kapitein en een van de zekerheden richting het WK. Tegelijk blijft De Bruyne, wanneer fit, de speler rond wie alles spontaan draait. Garcia zei zelf in Het Laatste Nieuws dat De Bruyne een genie op het veld is en iemand die ons ver kan brengen. Dat is geen gewone lof, maar is een statuut. Zodra De Bruyne op het blad staat, wordt hij opnieuw de natuurlijke referentie voor ploegmaats die het moeilijk hebben of de bal niet kwijt raken.
Precies daar zit de spanning voor Tielemans. Zonder De Bruyne krijgt hij meer vrijheid om het ritme te bepalen, hoger of lager te spelen naargelang de wedstrijd daarom vraagt, en zelf het centrum van de passinglijnen te worden. Met De Bruyne verandert dat. Dan zakt KDB uit, eist hij de bal op, wijkt hij uit naar de flank, of duikt hij tegen de VS zelfs op als een soort tijdelijke linksback in balbezit, zoals Het Nieuwsblad al eerder beschreef. Dat zijn structurele verschuivingen. Wie daar het meeste door geraakt wordt, is net Tielemans: ook hij wil aan de bal, ook hij wil de passinglijn openen, ook hij wil vanuit controle vooruit spelen.

Raes trok de lijn zelfs nog verder door. In Gazet van Antwerpen schetste hij zijn ideale middenveld met Tielemans, Hans Vanaken en De Bruyne, maar voegde hij daar meteen een waarschuwing aan toe: “Tielemans – je kapitein – ga je toch niet slachtofferen?” Dat woord is hard, maar net daarom interessant. Het raakt aan de echte vraag voor Garcia. Niet of De Bruyne en Tielemans samen kunnen spelen, want natuurlijk kunnen ze dat. De vraag is wél welke versie van Tielemans je overhoudt wanneer De Bruyne opnieuw alles naar zich toe trekt.
Mexico toonde waarom dit geen theorie meer is
De oefenwedstrijd tegen Mexico gaf die discussie ineens veel meer gewicht. Op papier had Garcia het middenveld zo gebouwd dat Axel Witsel als buffer moest dienen, zodat Tielemans en De Bruyne hoger en vrijer konden spelen. Zo werd het vooraf ook uitgelegd in La Libre. In de praktijk werkte daar nauwelijks iets van. België werd overspeeld, kreeg geen grip op de match en kon de bal amper in de ploeg houden.
Het Nieuwsblad was daar na afloop bijzonder duidelijk over. “De driehoek op het middenveld - Witsel, Tielemans, De Bruyne - bracht weinig balvastheid. KDB ergerde zich aan de vele passes achteruit en liet zich steeds vaker uitzakken om het leer op te eisen en het spel te verdelen.” Dat beeld was veelzeggend. De Bruyne begon niet als de afwerker of de man tussen de lijnen, maar als de speler die het spel diep moest gaan halen omdat de ploeg geen uitweg vond. Tielemans zat intussen in een soort tussenrol: niet hoog genoeg om verschil te maken, niet laag genoeg om echt te dicteren.

Ook de individuele beoordelingen verraadden dat ongemak. Het Laatste Nieuws gaf De Bruyne een 5 en schreef dat hij voelde dat het vierkant draaide en het probeerde te forceren, maar zelf niet op niveau was. La Dernière Heure gaf hem een 5,5 en zag een speler die gefrustreerd was door een ploeg die te weinig balbezit had. Tielemans kreeg daar een 5, met de opmerking dat zijn gebrek aan wedstrijdritme hem niet hielp, al leverde hij nog wel de assist voor Lukebakio. Dat is precies het grijze gebied waarin deze discussie zich afspeelt: Tielemans was niet slecht, De Bruyne was niet dramatisch, maar samen kregen ze het elftal niet in de juiste plooi.
Het gaat over twee topspelers die graag invloed hebben op dezelfde plekken van het veld, in een ploeg die nog altijd zoekende is naar evenwicht. Tegen de Verenigde Staten viel dat minder op, omdat De Bruyne daar maar geleidelijk in de match groeide en de wedstrijd opener werd. Tegen Mexico, in een veel stroever en fysieker duel, kwam de frictie in de veldbezetting veel harder bloot te liggen.
Garcia moet nu kiezen wie hij beschermt
Voor Garcia wordt dit stilaan een van de gevoeligste knopen richting WK. De bondscoach probeert De Bruyne voorzichtig op te bouwen. In Le Soir klonk het al dat België nog niet de WK-versie van De Bruyne heeft en dat hij vooral ritme moet opdoen. Dat is logisch na zijn lange afwezigheid. Maar net daardoor is de timing delicaat: terwijl De Bruyne nog minuten en automatismen zoekt, moet Garcia tegelijk beslissen hoe hij Tielemans maximaal laat renderen.

Dat is belangrijk, want Tielemans is niet meer zomaar een pion. Hij draagt de aanvoerdersband, heeft status in de groep en is voor Garcia veel meer dan zomaar een passer. Als hij naast De Bruyne vooral de gaten moet vullen, terugzakken, lopen en herstellen, dan haal je een stuk van zijn beste voetbal weg. En als De Bruyne intussen overal opduikt om de bal te vragen, krijg je een ploeg waarin de hiërarchie duidelijk is, maar het middenveld nog niet noodzakelijk beter klopt.
Olivier Plancke