Nicky Hayen leek even te flirten met zijn droomjob bij Celtic, met praatjes over monsterloon en Europese avonden in een kolkend Celtic Park. Maar nu blijkt dat zijn naam van de shortlist is verdwenen en anderen wél worden uitgenodigd voor de gesprekken in Londen. Terwijl Wilfried Nancy en co als “red-hot favourites” worden omschreven, blijft Hayen achter met een wrange nasmaak. Hoe kon hij van Schotse hype naar gênante afwijzing gaan, en wat betekent dat voor zijn status in Brugge én Europa?
LEES OOK: KRC Genk verschaft belangrijke update uit ziekenboeg
Van Schotse droomjob naar ijskoude schiftingDe voorbije weken leek het alsof heel Jan Breydel met één oog naar Glasgow zat te kijken. Sinds Brendan Rodgers bij Celtic de deur achter zich dichttrok en Martin O’Neill als 73-jarige tussenpaus terugkeerde, draaide de geruchtenmolen op volle toeren. Nicky Hayen, de Belgische coach van het moment, dook plots op in Schotse lijstjes.
Een monsterloon, een stevige afkoopsom, Europese avonden in een kolkend Celtic Park: het klonk als een droomscenario. Maar die droom is nu stilgevallen. Celtic heeft zijn shortlist geknipt en Hayen ligt eruit. De droomjob is geen opstap maar een oplawaai geworden.

Volgens de berichten uit Schotland is de zoektocht in een beslissende fase beland. De club organiseerde deze week gesprekken in Londen met een beperkte groep kandidaten. Daar zal Hayen niet langer bij zijn: Britse media schuiven hem nog hoogstens naar voren als outsider, terwijl onder meer TEAMtalk meldt dat hij, samen met namen als Robbie Keane en Efraín Juárez, in principe niet meer in de running is.
Wie wél overblijft? Alles wijst richting Wilfried Nancy, de coach van Columbus Crew. Hij won de MLS Cup, werd coach van het jaar en leidde zijn ploeg naar meerdere finales. In Ierland en Schotland wordt hij omschreven als de “red-hot favourite” en “primary target” voor Celtic: een coach met trofeeën, een duidelijk voetbalidee en ervaring in een omgeving waar de druk hoog is.
Daarnaast blijven Kjetil Knutsen (Bodø/Glimt) en Kieran McKenna (Ipswich) nog in beeld. Knutsen jaagt op alweer een Noorse titel en heeft een contract dat binnenkort afloopt, McKenna is de wonderboy die Ipswich uit de diepe dalen van het Engelse voetbal trok – maar ook iemand voor wie een stevige afkoopsom op tafel moet komen.
Celtic kiest zekerheid: Hayen voelt de koude douche
Als je die cv’s naast elkaar legt, zie je meteen waarom Hayen opzij is geschoven. Celtic zoekt geen “interessante coming man”, maar een coach die vanaf dag één geloofwaardigheid meebrengt in een kleedkamer waar een crisis al heeft gewoed. Toch zou het te gemakkelijk zijn om te zeggen dat Hayen nooit een optie was.
In Europa liet Hayen zich al zien. Celtic-fans herinneren zich die 1-1 tegen Club in hun eigen huis nog maar al te goed, net als hoe Rangers zich vorige zomer twee keer liet afslachten. Maar kans is geen zekerheid. Vanaf dag één hing er ook een groot prijskaartje rond zijn naam. Hayen verlengde in juni zijn contract bij Club, met betere voorwaarden en een stevigere machtspositie voor blauw-zwart.

In verhouding is Nancy – ondanks zijn status – makkelijker los te weken zodra het MLS-seizoen voorbij is, en Knutsen is zelfs einde contract. Net dat maakt het voor Hayen zo’n wrange zaak. Niet omdat hij nu “vastzit” in Brugge – er zijn ergere gevangenissen dan een titelkandidaat met Champions League-ambities – maar omdat Celtic hem nooit echt tot op het einde mee aan tafel zette.
Gebruikt en gedropt: zo hard komt de oplawaai aan
Wekenlang hoorde je zijn naam in Schotse praatprogramma’s, werd hij in bookmakerslijstjes gedropt, en moest hij vragen op persconferenties pareren met een voorzichtig “zeg nooit nooit”. Maar toen de echte finale begon, verschoof Celtic zijn blik. De Londense gesprekken zijn voor anderen. Voor Nancy. Voor Knutsen. Misschien zelfs voor McKenna, als de Engelsen zich laten overtuigen.
Voor een coach is dat een rare tik tegen het ego. Je wordt eerst gebruikt als symbool van “we kijken ook buiten het VK”, als bewijs dat de club creatief denkt. Maar als het menens wordt, horen we plots dat Hayen een outsider is en dat de shortlist is gereduceerd tot drie namen waar hij niet meer op staat. Dat voelt minder als een gemiste kans en meer als een gênante afwijzing.

Voor Hayen zelf is dit hoofdstuk vooral een reality check. Hij weet nu dat hij wel degelijk op Europese lijstjes staat, dat zijn naam rondgaat in Londen, Glasgow en verder. Maar hij weet óók dat hij nog één stap moet zetten om niet alleen genoemd te worden, maar ook als eerste gebeld.
Olivier Plancke