Vorige week kwam er eindelijk een doorbraak in het Brugse stadiondossier. Club Brugge zal een nieuw stadion bouwen naast het Jan Breydelstadion, terwijl Cercle wellicht zijn eigen nieuwe stadion zal krijgen op de Blankenbergse Steenweg, waar het nieuwe stadion van Club oorspronkelijk zou komen. Niet iedereen is echter even opgezet met het plan.
Columnist Hans Vandeweghe is zelfs snoeihard. "Er doen wat theorieën de ronde en die komen allemaal op hetzelfde neer: dit is zo’n waanzinnig, onrealistisch plan dat er meer moet achter steken, bijvoorbeeld een tactische zet om de impasse rond de gronden aan de Blankenbergse Steenweg te deblokkeren", schrijft hij in De Morgen.
Hij wijst onder meer naar het feit dat Brugge een tijdlang maar liefst drie stadions zal tellen - tot Jan Breydel afgebroken is - en dat er geen mobiliteitsplan, terwijl de thuismatchen van Club nu al een verkeersinfarct opleveren. "Het beste aan de Brugse plannen is niet dat Club een nieuw stadion zou krijgen want dat kan de Belgische voetbalmarkt ontwrichten, maar wel dat het oude gedrocht zou verdwijnen uit het woongebied waar het nooit had mogen worden gebouwd. Uitgerekend het enige positieve gaat nu op de schop."
Bovendien betwist hij ook stevig de timing van het dossier. Bart Verhaeghe kondigde aan dat Club tegen 2022/23 in het nieuwe stadion hoopt te spelen. "Er zal dus een openbaar onderzoek moeten gebeuren en daar wringt opnieuw een schoentje, meer dan één. Alle belanghebbenden kunnen zich dan mengen in de procedure en de zaak tot de Raad voor Vergunningsbetwistingen (een afsplitsing van de Raad van State) brengen, iets wat nog eens jaren kan aanslepen. 2022-2023? Ze bedoelden 2032-2033 allicht", meent Vandeweghe.
LEES OOK: 'STVV op zucht van nieuwe spits, Cercle pakt miljoenen'
Jannick Lanckriet