Niemand bij Club Brugge zag dit aankomen. Wat een avond van bevestiging moest worden, draaide uit op een ijskoude douche. De Jashari-stunt sloeg in als een bom — en liet diepe sporen na, tot bij Christos Tzolis.
LEES OOK: Gouden Schoen zindert na: Vandenbempt schetst nasleep Club
Iedereen rekende op Tzolis… tot die ene naam vielDe discussie was niet of Christos Tzolis de 72ste Gouden Schoen zou winnen, maar wie er hem nog van kon weerhouden. De Griekse aanvaller was de uitgesproken favoriet en stond duidelijk bovenaan de favorietenlijst. “Over het hele jaar verdient hij de Gouden Schoen. Hij heeft ongeziene statistieken bij elkaar gevoetbald,” zei Dévy Rigaux in een HLN-interview over de cijfers van 23 goals en 22 assists in 58 wedstrijden. Volgens zijn Club Brugge-ploegmaat Romeo Vermant kon er zelfs niemand anders winnen.

Hans Vanaken, drievoudig winnaar van deze prijs, zei zelf in de HLN VoetbalPodcast: “Ik denk niet dat ik veel kans maak om hem te winnen. Ik ben heel tevreden over mijn seizoen, maar ik denk dat Christos Tzolis hem veel meer verdient dan ik.” Het feit dat Vanaken zijn ploegmaat boven zichzelf plaatst, geeft nog extra gewicht aan Tzolis’ favorietenrol. Ook volgens HLN-analist Marc Degryse was Tzolis dé kandidaat om de Schoen te winnen — zelfs als anderen daar anders over dachten.
De zaal verstomt: Jashari pakt ‘m en niemand had dat script
Toen de naam Ardon Jashari klonk in de zaal, voelde het even alsof iedereen collectief naar adem moest zoeken. Een zinderend moment van ongeloof, gevolgd door een explosie van applaus. Niet omdat Jashari het niet verdiende — integendeel — maar omdat nóg niemand écht op hem gerekend had als winnaar van de Gouden Schoen.
Voorafgaand aan het gala waren de verwachtingspatronen duidelijk: Christos Tzolis gold als dé topfavoriet, de man met de statistieken, de spektakelwaarde en de headlines. Hans Vanaken, met drie Gouden Schoenen op zijn palmares, werd gezien als sterke outsider, vooral omdat hij al een ijzersterk jaar had gespeeld.

Maar Jashari? Die stond op de meeste voorspellingslijsten slechts in de marge. En toch gebeurde het: hij won. Niet nipt. Niet als bizarre statistische afwijking. Hij won omdat de stemmen in de eerste ronde hem uiteindelijk boven de rest plaatsten. Na Gilles De Bilde in 1994 en Matias Suárez in 2011 is Jashari nog maar de derde speler die al zijn punten in één stemronde verzamelt en de HLN Gouden Schoen pakt.
Dat is ook wat Vanaken zelf onderstreepte in een interview vlak voor de uitreiking. Hij noemde Tzolis zijn favoriet, maar waarschuwde dat “Ardon in de eerste stemronde héél veel punten zou pakken” en dat dat op termijn een gevaar kon vormen voor de andere kandidaten.
Keiharde gevolgen: van topfavoriet naar stilte bij Club
Maar eerlijk: Tzolis had het hele jaar indrukwekkende statistieken. Hij was de man waar iedereen op school, in cafés en op sociale media over sprak als de gedoodverfde winnaar. En dat is waar het verhaal van Jashari intrigeert. Want waar Gouden Schoen-verhalen traditioneel beginnen met topschutters en cijfers, eindigt deze met een middenvelder wiens impact subtieler, maar minstens zo doorslaggevend was.
De ontgoocheling bij Tzolis is ongetwijfeld groot. Van topfavoriet naar nummer drie. Ludo Vandewalle, chef voetbal van Het Nieuwsblad, verwees naar andere legendarische teleurstellingen zoals Luc Nilis, Lorenzo Staelens en Noa Lang, die wekenlang invloed hadden op hun prestaties.

Wie Tzolis na afloop zag, begreep dat dit geen gewone nederlaag was. De teleurstelling zat diep. Geen lange nabeschouwingen, enkel een kort interview aan de organiserende krant Het Laatste Nieuws, geen glimlach voor de camera’s, geen feestgedruis om de ontlading weg te spoelen. Samen met zijn broer verdween Tzolis haastig richting een wachtend taxibusje, weg van de spotlights. Wat een avond van bekroning had moeten worden, eindigde in stilte. Ook binnen de Brugse delegatie overheerste dat gevoel.
Olivier Plancke