RSC Anderlecht staat nog altijd bekend als een kweekvijver van talent, maar tegenwoordig komen producten van eigen bodem veel minder aan de bak in het Lotto Park. Plots dreigen zij zelfs volledig buitenspel te staan. Net zoals hun iets meer ervaren landgenoten.
Afgelopen zomer ging Antoine Sibierski meteen met de grove borstel door de kleedkamer, waar in totaal maar liefst 11 nieuwkomers de nu wel érg brede kern vervoegden. Opvallend genoeg beschikt geen van hen over een Belgisch paspoort, stilaan een zeldzaam goedje in Neerpede.
LEES OOK: 'Anderlecht wijzigt koers: Bruno dumpt Neerpede-boys'
Belgen stilaan buitenspelBehalve de vele jonkies in de selectie tellen daar enkel Colin Coosemans, Killian Sardella, Marco Kana, Tristan Degreef, Ali Maamar, Ilay Camara, Mario Stroeykens en Adriano Bertaccini als zogenaamde voetbalbelgen. Dat laatste duo past evenwel niet meer in Vitor Bruno zijn plannen.
Sardella en Camara liggen dan weer in de lappenmand, terwijl die laatste net zoals Ali Maamar inmiddels al voor een ander nationaal elftal uitkomt. Het opvallend resultaat is dat Coosemans woensdag tegen Olympique Lyon zowaar als enige overgebleven Belg aan de aftrap verscheen.
Bruno kiest buitenlanders
De tien veldspelers waren dus stuk voor stuk buitenlanders. Met uitzondering van Kana lijkt Bruno, die in de zoektocht naar de juiste formule wel nog volop aan het puzzelen is, daar bovendien niet snel verandering in te zullen brengen. Of trekt hij straks toch weer de kaart van de jeugd?
Voor het slotoffensief van Sibierski kregen talenten als Joshua Nga Kana, Jayden Onia Seke en Noa Ojea, die woensdag als enige mocht invallen, volop hun kans. Ongetwijfeld zullen zij in de komende weken nog wel aan bod komen. Al was het maar omwille van de drukke kalender.
Arne Decraene