Antoine Sibierski is bezig aan een stevige mercato. Paars-Wit zal ruim meer dan 20 miljoen euro gaan spenderen aan ingaande transfers. De Fransman heeft één groot probleem alvast aangepakt tijdens deze transferperiode.
Anderlecht stond vele jaren bekend omwille van zijn aanvallende voetbal en vaak hadden ze geweldige flitsenspelers. De afgelopen jaren werd dat steeds minder. Paars-Wit had te weinig flankaanvallers. Anders Dreyer kreeg veel kritiek, maar was een van de meeste bepalende spelers van Anderlecht in vele jaren. Nilson Angulo brak ook nog door, Samuel Edozie was een leuker huurling maar te vaak geblesseerd.
LEES OOK: Anderlecht neemt Winkler mee: tweetal op weg naar exit
Jarenlang gebrek aan opties op de flankenAnderlecht had jarenlang vaak maar één flankspeler die furore kon maken. We haalden het afgelopen anderhalf jaar al meermaals aan dat Anderlecht daarin een groot probleem had en dat het onbegrijpelijk was dat sportieve directeuren daar weinig werk van maakten. Zeker onder Olivier Renard werd dat een groot probleem.
Gelukkig hadden ze met Jayden Onia Seke een speler de op de deur aan het kloppen was. Hij krijgt terecht zijn plaats in de A-kern en is een speler waar men nog veel plezier aan gaat beleven. Een echte winger. Snelheid, doelgericht, technisch sterk… Daarnaast is er ook Joshua Nga Kana. Neen, hij is geen pure winger. Je ziet het ook aan zijn manier van spelen, hij gaat vaak naar het centrum. Toch zal hij in een bepaald systeem, met een overlappende linksachter, vaak via die linkerflank opteren. Op rechts spelen is geen optie meer, daarvoor mist hij de typische kenmerken van een echte flankaanvaller. Nga Kana heeft niet die explosiviteit, al is hij uiteraard zeker niet traag. Een ander profiel.
Sibierski haalde met Oliver Antman een draver in huis. Geen verfijnde speler, maar wel iemand die een goede voorzet heeft en iemand die buitenom kan gaan. Iemand die het spel breed kan houden. Hij speelt het liefst via rechts, op links is het minder. Daarvoor is er te weinig linkervoet en technisch vermogen op de korte ruimte aanwezig bij hem om naar binnen te trekken.
Weelde op de aanvallende flanken
Met Marten Winkler haalde Sibierski nog een winger in huis, al is hij toch meer een ‘zwerver’. Iemand zoals Thorgan Hazard. Hij begint op de flank, maar kan een beetje overal lopen: links, centraal, rechts… Maar hij brengt wel snelheid en doelgerichtheid bij. En dan is er nog Lukas Ambros. De Dreyer van deze ploeg. Centraal spelen, dat lijkt niet meteen de beste optie te zijn. Net als Dreyer moet hij wat uit het duel kunnen spelen en dat doet hij goed vanaf rechts. Tussen de linies spelen en dan met zijn linker het verschil maken.
Tristan Degreef, die in tegenstelling tot wat bepaalde analisten beweren echt wel leuke flitsen laat zien als centrale pion, kan zo ook via links spelen. Sibierski heeft Anderlecht zo eindelijk wat opties gegeven op de flanken.
Vitor Bruno heeft echt wel mogelijkheden én veel andere profielen. Nga Kana en Degreef kunnen als soort ‘spelmakers’ via links spelen, waar ze dan een overlappende back nodig hebben. Op rechts is dat zo met Ambros en wellicht ook Winkler. Daarnaast is er op links een pure winger zoals Onia Seke en op rechts met Antman. Sibierski heeft daar dus goed werk geleverd. Een zwak punt van Anderlecht van de afgelopen jaren, zou zo wel eens een sterk punt kunnen worden dit seizoen.
Claudio Reulens