RSC Anderlecht won met 3-1 van Hammarby. Paars-Wit wist vooral op enthousiasme en passie het verschil te maken. Het was trainer Vitor Bruno die toonde dat Paars-Wit naast het veld alvast versterkt is ten opzichte van vorig seizoen. We zien zelfs vleugjes van… Vincent Kompany terug.
Neen, we maken van Bruno geen wonderdokter. Maar na het vertrek van Vincent Kompany is het een warboel met verschillende visies geweest onder het vorige bestuur. Felice Mazzu en Besnik Hasi waren inzake spelopvattingen trainers die absoluut niet bij Anderlecht pasten. Brian Riemer al iéts meer, maar de Deen was geen tactisch fenomeen. David Hubert kwam te vroeg als T1 bij een club met dergelijke problemen.
Enter Vitor Bruno. Passie, energiek… Neen, daarover gaan we het niet hebben. Dat zijn woorden om fans te paaien. Clichés. Elke coach is op zijn manier maniakaal bezig met het spelletje. Wij kijken vooral naar het voetballende aspect. En dat kan bekoren, omdat Bruno een type voetbal wil spelen dat hoort bij het DNA van Anderlecht én wat anno 2026 modern voetbal is.
LEES OOK: Bruno negeert opvallende naam: Anderlecht-exit na 162 matchen?
Bruno test twee systemen uit bij AnderlechtVorig jaar was het allemaal puur op dynamiek gebaseerd. Daardoor heeft RSCA nu nog iets te weinig ‘voetballers’ in de ploeg. Rustbrengers en handvaten, dat zagen we vooral in de eerste helft. Dat krijg je niet snel opgelost in één mercato. Wie RSCA in de voorbereiding en ook nu aan het werk zag, merkt dat Bruno flexibel is.
Met een 4-2-3-1 wil hij echt wel dominant voetbal over de grond brengen. Dan ben je echter wel enorm afhankelijk van een balvaste spits en heel goede wingers. Op het middenveld is er centraal ook een passeur nodig. Op dit moment kan RSCA dergelijk voetbal nog niet brengen. Er is geen echte targetspits, onbegrijpelijk dat Danylo Sikan zo werd aangekondigd in januari. “Goed in het samenspel. Goede techniek”, meldde Olivier Renard toen. We haalden toen meteen aan dat Sikan een draver was. Een loper. Wat wel klopte: “Een goed kopspel en iemand die de ruimtes goed benut”. Wie RSCA zag spelen weet het ondertussen ook: Sikan is geen aanspeelpunt. Met de rug naar de goal is het niet goed genoeg. In de box toont hij zich als een opportunist én het is iemand die veel druk zet op een defensie. We melden het nogmaals: Sikan scoort zeker 15 keer dit seizoen, maar hij is dus geen kapstok voor zijn ploeg.
Dat is geen probleem als daarachter een technisch vaardige en balvaste aanvallende middenvelder staat. Genre Hans Vanaken. Lukas Ambros kon tot op heden absoluut niet overtuigen in die rol. Hij heeft net zoals voordien Yari Verschaeren problemen met de duels. Ambros moet zich in dat opzicht duidelijk nog aanpassen. Maar later meer over zijn beste positie (op dit moment), waar hij wél heel erg kon bekoren.
Op de flanken is Jayden Onia Seke een toppertje in wording, Joshua Nga Kana speelt op een plaats waar hij niet het best tot zijn recht komt. Centraal op het middenveld is Enric Llansana vooral een draver en loper, Marco Kana moet de opbouw van achteruit doen, want de centrale verdedigers geven geen liniedoorbrekende passes. Zo’n type zou Anderlecht toch moeten vinden. Als Kana vast wordt gezet, zullen veel ploegen de opbouw al goed kunnen lamleggen. Een werkpunt voor Sibierksi. Wie weet kan Killian Sardella als centrale verdediger daar soms een oplossing bieden?
Nog een aantal transfers nodig
Om een 4-2-3-1 te spelen heeft Anderlecht nog niet de juiste profielen. Dat bleek in de voorbereiding al en nu ook tegen Hammarby. Oliver Antman kwam er al bij en er is ook nog sprake van een aanvallende middenvelder. RSCA mist nog een écht voetballende patron centraal op het middenveld. Vooral eentje die wat hoger speelt en voor creatieve passes kan zorgen. Maar dat zijn peperdure spelers.
De 4-2-2-2 die na de pauze werd gespeeld past momenteel beter bij deze ploeg. Al moet er ook dan nog wat versterking bij. In dat systeem komt Sikan veel beter tot zijn recht met een spits rondom zich. Dat kan Adriano Bertaccini zijn, maar Mihajlo Cvetkovic is de beste aanvaller van RSCA. De Serviër moet altijd starten. Bruno kan in dat vierkant daarachter dan een Ambros naar rechts duwen. Dan speelt hij iets meer uit de duels centraal op het middenveld. Dat deed hij gisteren bijzonder goed. Dan zag je de goede voetjes bij de Tsjech en kon hij dus bekoren.
Op links kan bijvoorbeeld een Tristan Degreef die rol aan. Of Joshua Nga Kana. Jongens die meer gebaat zijn bij dergelijk systeem. Een systeem waar RSCA zijn laatste echt goede jaar, voetballend gezien, kende onder Kompany. Die had toen met Michael Murillo en Sergi Gomez wel twee enorm aanvallend goede backs. RSCA heeft dat in principe ook met Ilay Camara en ook Ali Maamar speelt beter als hij vooral kan gaan. Killian Sardella heeft als rechtsachter meer nood aan een pure winger voor zich.
Op links moet er in dat systeem wel versterking komen. Moussa Ndiaye vinden we toch niet goed genoeg voor een ploeg die de titel zou moeten ambiëren. Hij kreeg al veel kansen. Een moderne aanvallend ingesteld back zou handig zijn, met Ludwig Augustinsson als betrouwbare back-up. Hem kan je best nog een jaar houden en dan is het tijd voor een afscheid als zijn contract afloopt. Centraal op het middenveld moet RSCA dan toch vooral lopers en werkers hebben, met liefst één speler die ook een goede passing heeft. Nathan Saliba, Marco Kana en Enric Llansana vullen die rollen in. Ook Cedric Hatenboer kan daar nog spelen. Llansana speelde een zeer zwakke eerste helft. Als hij het spel moet maken, dan vlot het niet. Voetballend daarvoor niet goed genoeg, maar als lopende speler die het vuile werk kan opknappen voor anderen ging dat beter in de tweede periode. Toen kwam hij minder aan de bal door de omzetting van Bruno. Tactisch was dat een goede zet.
Bruno is een coach die heus wel het voetbal wil spelen dat hoort bij Anderlecht. Hij spreekt ook vaak over profielen en hij beseft dat er nog een aantal nodig zijn om met twee systemen te kunnen wisselen. Maar zijn opvattingen doen soms wat denken aan die van Kompany, plus er is het feit dat hij de eigen jeugd kansen geeft. Het valt af te wachten wat Antoine Sibierski de komende weken nog zal aanbieden aan zijn trainer, die best wel een veelbelovende eerste indruk achterlaat. Al moet er nog niet te veel hosanna zijn bij fans en media. Op dit moment is er nog héél veel werk, op en naast het veld.
Claudio Reulens