RSC Anderlecht kreeg de afgelopen jaren telkens kletsen van de rechtstreekse concurrenten. In topwedstrijden liet Paars-Wit het vaak afweten, maar dit seizoen is dat plots veranderd. Het Laatste Nieuws zocht uit waarom.
Anderlecht had vorig seizoen een 1 op 36 tegen clubs die boven hen stonden. Dit seizoen is dat anders. Afgelopen speeldag werd Club Brugge nog op een knap 2-2 gelijkspel gehouden. Ook het bereiken van de bekerfinale is positief.
LEES OOK: Vanhaezebrouck verrast: uitblinkers weg bij Anderlecht?
Totale ommekeerHet bestuur zag dat het niet goed genoeg was in de toppers en besloot in te grijpen. ‘Anderlecht injecteerde meer power en vechtersmentaliteit op het middenveld met Nathan Saliba en Enric Llansana. En in Brugge toonden ook Moussa Diarra, Mihajlo Cvetkovic en Ilay Camara dat ze niet vies zijn van wat intimidatie.’
Ook de opmars van supertalent Nathan De Cat zorgde voor een vertrouwensboost op het middenveld. ‘Tel daar de ontbolstering van Nathan De Cat bij en je weet waarom Anderlecht steviger voor de dag komt in de topaffiches’, klinkt het. Dit seizoen heeft Paars-Wit een 11 op 18 tegen clubs die boven RSCA in de stand staan.
Zelfde uitgangspositie
Anderlecht start waarschijnlijk als nummer 4 aan Play-Off 1, dat is dezelfde uitgangspositie als vorig seizoen. Toen speelde Paars-Wit geen enkele rol. En nu Anderlecht net beter presteert tegen toppers, komt een ander probleem naar boven. ‘Knokken in de toppers lukt wel, zelf voetballend een tegenstander negentig minuten uit verband spelen bleek een pak lastiger.’
Anderlecht speelde gelijk tegen Dender en La Louviere en verloor in eigen huis tegen Zulte Waregem. Tegen laagvliegers liet Anderlecht aldus punten liggen die belangrijk konden zijn in de titelstrijd. ‘Het verklaart waarom Anderlecht dit seizoen moeite heeft om het verschil te maken tegen teams die zelf een laag blok optrekken.'
Stephan Calander