Geen mens ter wereld die beter geplaatst is om de vier spelerskernen die KRC Genk sinds de fusie in 1988 de titel schonken te beoordelen dan Pierre Denier. De huidige teammanager van de nieuwe kampioen mocht alle successen vanop de eerste rij meemaken en stelde op vraag van Het Nieuwsblad zijn ultieme elf op uit de vier glorieseizoenen.
In doel Tibaut Courtois, op het middenveld Kevin De Bruyne en in de spits Wesley Sonck en Branko Strupar: sommige posities vullen gewoon zichzelf. Verrassender is echter de derde aanvaller die Denier aan de twee Gouden Schoenen koppelt. "Ik twijfel tussen Oulare en Vossen. Oulare had misschien meer kwaliteiten, maar ik heb zoveel respect voor Jelle. Begonnen bij de jeugd, opgewerkt tot aanvoerder en jarenlang topschutter... Ik zet er Jelle bij. Een echte Genkie."
Een opvallende keuze, want in tegenstelling tot de vandaag nog steeds gevierde Souleymane Oulare is Vossen sinds zijn overstap naar Club Brugge – met Burnley als tussenstation – persona non grata in Genk. We vermoeden dan ook dat een rondvraag in de Luminus Arena een heel ander resultaat zou opleveren. Voor de duidelijkheid: Denier mocht voor zijn basiself geen beroep doen op spelers uit de huidige kampioenenploeg, zij mochten enkel plaatsnemen op de bank.
De elf van Denier (1999-2002-2011): Thibaut Courtois – Juha Reini, Didier Zokora, Joao Carlos, Marc Hendrikx – Josip Skoko, Bernd Thijs, Kevin De Bruyne – Wesley Sonck, Branko Strupar, Jelle Vossen. Wisselspelers (2019): Sander Berge, Leandro Trossard, Ally Samatta
LEES OOK: Kassa kassa in JPL: 120 miljoen voor vier smaakmakers
Arne Decraene