Of het advies van zijn bazen er iets mee te maken heeft valt sterk te betwijfelen, maar na een lange zoektocht blijkt Vitor Bruno eindelijk werk te maken van een typeploeg bij RSC Anderlecht. Tenzij hij zondag tegen Club Brugge toch vriend en vijand verrast, kunnen een zevental namen dan ook al worden ingevuld. Maar wat met de overige vier vacatures?
Naar eigen zeggen laat Bruno zich de openlijke kritiek van bovenaf, waar de directie het welletjes vond geweest met zijn rotatiedrang, niet aan het hart komen. Dat bleek toen hij een paar dagen na CEO Kenneth Bornauw en eigenaar Marc Coucke hun waarschuwing tegen Westerlo doodleuk opnieuw zijn halve ploeg verving. Een middelvinger richting zijn bestuur, klonk het hier en daar, al konden zij het hun koppige coach na de pandoering in Gent moeilijk kwalijk nemen dat hij zijn elftal nog eens door mekaar besloot te schudden.
Interessanter na de al even deugddoende als broodnodige zege, niet in het minst om zijn eigen vel te redden, was of Bruno ook tegen Salzburg gretig aan het wisselen zou slaan. Het antwoord bleek 'neen', want Bruno "voelde dat dit het moment was voor continuïteit". Met uitzondering van twee noodgedwongen wijzigingen. Ilias Koutsoupias is in de Europa League niet speelgerechtigd, terwijl Thelo Aasgaard uitviel met een lichte blessure. Enric Llansana en Danylo Sikan namen hun plaatsen in, maar voorts bleef iedereen eens staan.
LEES OOK: 'Bruno blijft roteren: opvallende wissel Anderlecht'
Zeven plaatsen verdeeldWat de verdediging betreft geen verrassing, want ondanks de draaideurpolitiek van Bruno zijn behalve Colin Coosemans indien fit ook Ali Maamar, Giulian Biancone, Léo Pétrot en Ludwig Augustinsson zeker van hun plek. Links achterin lag die laatste even in balans met Oleg Reabciuk, maar inmiddels blijkt de Zweed die strijd toch te winnen. Tot ergernis van Antoine Sibierski blijft Mario Stroeykens dan weer een certitude op het middenveld. Net zoals Lukas Ambros, zoals Bornauw terecht aangaf, dat hoort te zijn op de rechterkant.
Na zijn prima start verdween de linkspoot plots even wat uit beeld, maar hij vormt toch de beste tandem met Maamar. Uiteraard weet je het met Bruno toch maar nooit, maar tenzij hij het simpelweg vertikt om verder te bouwen op de goede flow zijn zeven plaatsen dus al verdeeld. Op de overige vier posities staat het de eigenzinnige trainer nog min of meer vrij om hardnekkig zijn principes toe te passen. Lees: zijn (te) brede selectie gebruiken om inzet op training te belonen en zich telkens aan te kunnen passen aan de tegenstander.
Winkler op de linkerflank
Links voorin dreigen de opties wel beperkter te worden, want Jayden Onia Seke zou wel eens een tijdje aan de kant kunnen staan. Het 17-jarig product van eigen kweek verliet het veld in tranen na een kniestoot in de rug. Achteraf liet Bruno wel uitschijnen dat de schade meevalt, maar voor de trip naar Jan Breydel staat er toch een stevig vraagteken achter zijn naam. Gelukkig voor de Portugees kan hij wel weer rekenen op Marten Winkler, die gretig inviel en met zijn doelpunt zelfs meteen toch al voor de achtste keer beslissend was.
Liever zwerft hij net zoals Ambros aan de overkant, maar de Duitser toonde zo zelf hoe hij zijn snelheid ook op de linkerflank kan benutten. Daar heeft Winkler, die voldoende fit lijkt om in Brugge aan de aftrap te verschijnen, alvast een streepje voor op Oliver Antman. Ondanks zijn assist wist de Fin andermaal niet echt te overtuigen. Net zomin als Tristan Degreef de afgelopen weken. Hoewel ze net zoals Onia Seke niet mogen deelnemen aan het WK U17, staan Joshua Nga Kana en Noa Ojea tot slot dan weer beneden in de pikorde.
Cvetkovic vs. Bentayeb
Diep in de punt zouden we geneigd zijn om ook Mihajlo Cvetkovic als een vaste titularis te bestempelen. Tenslotte moet hij straks de nodige centen in het laatje brengen. Toch viel de keuze even op Tawfik Bentayeb, wiens neus voor goals in zijn voordeel pleit. Zo heeft hij gemiddeld 156 minuten per doelpunt nodig, tegenover 202 voor Cvetkovic. Geen van hen kan tippen aan de straffe 42 (!) minuten per treffer van Adriano Bertaccini, die louter een noodoplossing blijft. Bruno wil zijn bazen niet nog meer tegen de schenen stampen.
Al zou hij het gezien het gebrek aan efficiëntie dat Paars-Wit al meermaals parten speelde wel durven te overwegen. Het voornaamste vraagstuk situeert zich evenwel toch op het middenveld, waar Stroeykens zijn eerherstel dus een doorn in het oog is van Sibierski. Zijn dure aanwinst Romeo Amane, net voor die positie in huis gehaald, kwijnt namelijk weg in de tribunes. Eerst nog ten voordele van Marco Kana, ondertussen eveneens tot bankzitter gedegradeerd. Zo blijven er vier kandidaten over voor de twee posities naast Stroeykens.
Wie naast Stroeykens?
De eerste is Danylo Sikan, van nature eigenlijk een spits. Hoewel hij punten scoorde tegen Salzburg, is het dan ook de vraag of Bruno het aandurft om ook in Brugge dermate de kaart van de aanval te trekken. Dat doet hij al in zekere zin al door er Aasgaard te posteren, die de voorbije weken steevast de voorkeur kreeg. Momenteel is het wel hoogst twijfelachtig of de Noor, die net zijn draai begon te vinden, tijdig klaargestoomd geraakt. Reden te meer voor Bruno om wat extra voorzichtigheid in te bouwen op het veld van de landskampioen?
Sleutelen aan wat stilaan zijn succesformule lijkt valt niet meer aan te raden, maar hier en daar eens een andere toets moet wel nog altijd kunnen. Wie weet vormen Koutsoupias en Llansana, die tot dusver zelfs nog geen enkele minuut tegelijk op het veld stonden, dus wel samen een trio met Stroeykens. De ene is doorgaans een zekerheid in de competitie, terwijl de andere na en mindere periode donderdag zijn kans met beide handen greep. Al liep het bij zijn vorige basisplaats, met name het debacle in Gent, wel helemaal verkeerd.
Ultiem examen Bruno
Een scenario dat Bruno straks kan missen als kiespijn, want zijn job staat nog steeds op het spel. Voorlopig is de crisis afgewend, en ligt Anderlecht na de blamage in de beker op twee fronten nog op koers, maar dat er druk op de ketel blijft staan spreekt voor zich. De kloof met de koploper mag niet uitgediept worden tot 11 punten. Makkelijker gezegd dan gedaan, maar pas daar volgt de échte test voor Bruno. Alleen mits een overwinning zal de rust echt weerkeren in het Lotto Park. Anders dreigt zijn stoel er al snel weer te wankelen.
Met die wetenschap in pacht moet de trainer zijn puzzel leggen. Over zeven à acht stukjes hoeft hij niet meer na te denken. Zij overleefden samen met hem de storm van de voorbije week en moeten ook in Brugge hun T1 helpen om zijn criticasters de mond te snoeren. De overige drie tot vier ingrediënten van het recept zijn dan weer vrij voor interpretatie. Vast staat alleszins dat Bruno maar best de juiste knopen kan doorhakken. En bij voorkeur ook dan de drang kan bedwingen om zijn elftal alsnog weer compleet door mekaar te gooien.
Arne Decraene