KRC Genk ging afgelopen speeldag roemloos onderuit tegen Club Brugge. De formatie van Jess Thorup is nog zoekende in de Jupiler Pro League. Ook analist Peter Vandenbempt vreest code rood voor de Limburgers.
KRC Genk is wisselvallig aan het seizoen begonnen. Na het vertrek van Nicky Hayen naar Burnley nam Jess Thorup het stokje over, maar de coach wordt al in vraag gesteld na een aarzelende start van KRC Genk.
LEES OOK: KRC Genk wankelt: Degryse legt gigantisch probleem bloot
Gebrek aan focusVandenbempt zag KRC Genk kansloos verliezen van Blauw-Zwart. “Ook Club Brugge won zijn topmatch tegen KRC Genk. Die laatste had wel degelijk kunnen scoren op momenten dat een doelpunt de wedstrijd had kunnen beïnvloeden, zoals vroeg in de match bij 0-0 of vlak voor de rust bij 1-0. Maar Club Brugge was voor mij duidelijk de betere ploeg”, citeerde Sporza.
Volgens de commentator was er te weinig focus. “Genk bood weerstand, maar werd - zoals bijna elke wedstrijd dit seizoen - gefnuikt door een gebrek aan stabiliteit. De prestaties schommelen te sterk en er werden opnieuw twee makkelijke tegendoelpunten geïncasseerd op stilstaande fases. Dat wijst toch op een gebrek aan scherpte en focus in het eigen strafschopgebied.”
Problemen Thorup?
Vandenbempt vreest dat het bijna code rood is voor Genk en Thorup. “Nu staat Genk daar met 9 punten op plek 10. En trainer Thorup moet eind september toegeven dat hij nog zoekt naar de juiste veldbezetting: eerst te open met te veel tegendoelpunten, daarna compacter, waardoor er minder gescoord wordt. Thorup kan wel stellen dat er telkens meer in de wedstrijden zat, maar als je dat elke keer opnieuw moet zeggen en het er elke keer niet uithaalt, wordt dat toch structureel.”
De titelstrijd lijkt op dit moment erg veraf voor de Limburgse topclub. “Is er dan ook een gebrek aan kwaliteit? Het ontbreekt de ploeg aan de wil om te winnen wat ze verdienen, of zelfs wat ze niet verdienen. Zo wordt het worstcasescenario realiteit: alle concurrenten bovenin winnen en Genk kijkt tegen een achterstand van 9 tot 10 punten aan op vier ploegen. Dat wordt een lange achtervolging.”
Stephan Calander