KRC Genk haalde Jeppe Erenbjerg voor 5,5 miljoen euro weg bij Zulte Waregem. Het geeft de ambities van KRC Genk prijs. Niet zozeer om de naam, maar wel om een heel andere reden.
Racing Genk gaat Konstanis Karetsas verkopen. Dat is een zekerheid. Het Griekse wonderkind moet de duurste uitgaande transfer ooit worden van de Limburgers. De vraagprijs ligt op 45 miljoen euro, al is dat altijd onderhandelbaar. Het geeft alleen aan dat er geen koopjes meer te doen zijn in Genk. De club heeft daar grote stappen gezet de afgelopen jaren.
LEES OOK: Vossen ziet Genk goudmijn aanboren op transfermarkt
Erenbjerg zorgt voor extra stootkrachtKRC Genk heeft altijd oog voor jong talent en de Limburgers gaan ongetwijfeld nog jonge talenten halen. Maar die moet ook omkaderd worden door meer ervaren zekerheden. Jongens wiens prestaties minder op en af gaan. Bij jonge spelers zijn er nog iets meer pieken en dalen. Het is een van de redenen waarom Genk regelmatig een topseizoen afwerkte met daaropvolgend een minder jaar.
De club haalde met Erenbjerg een 26-jarige middenvelder voor 5,5 miljoen euro. Dat is een pittige som voor een speler van die leeftijd. Belgische clubs spenderen niet vaak die som aan een speler van 23+. KRC Genk weet ook dat ze Erenbjerg niet meer gaan verkopen voor pakweg 20 miljoen euro. Hij is een speler die vooral direct rendement moet gaan tonen. Zoals Daan Heymans. Beiden kunnen gerust samen in de ploeg spelen. Erenbjerg kan zoals Karetsas via een vrije rol via de flank wel samenspelen met Heymans.
Genk wil ervaren as
De komst van Erenbjerg zou er misschien ook op kunnen duiden dat er geen ervaren spits gaat bijkomen. Met Heymans, Erenbjerg en Ito heeft het nu genoeg ervaring in het aanvallende compartiment. In de spits zijn er dan met Bibout en Mirisola twee jonge aanvallers die op termijn meer dan twintig miljoen euro gaan opbrengen. Die mag je niet dwarsbomen. Zij gaan volgend jaar zeker nog stappen zetten.
Met Bryan Heynen, Daan Heymans, Junjya Ito en Jeppe Erenbjerg heeft KRC Genk een stevig kwartet van boven de 25 jaar. Idealiter komt daar nog een meer ervaren centrale verdediger bij om Mujaid Sadick te vervangen. Of kan Matte Smets zich daar meer opwerpen tot een leider? Met Josué Kongolo en Elie Mbavu heeft Genk achteraan parels uit de eigen opleiding en vergeet ook Brad Manguelle niet.
Met Hendrik Van Crombrugge, Yira Sor en mogelijk Joris Kayembe gaat KRC Genk wat ervaring van de hand doen. De Limburgers zagen hen afgelopen seizoen de ploeg niet bij de hand nemen. Het zou ons niet verbazen als Genk nog iets meer ervaring aan de kern gaat toevoegen eens zij weg zijn. De club wil volgend jaar meedoen voor de top drie. De lat wordt al een hele tijd hoger gelegd. Genk is niet meer die ‘sympathieke uitdager’, maar een Belgische topclub. Zo profileren ze zich al meteen op de transfermarkt en dit is nog maar het begin.
Claudio Reulens