Hij had wellicht veel meer uit zijn carrière kunnen halen, maar Wesley Sonck (32) is een tevreden man. Een spraakmakend gesprek met de nieuwe aanvoerder van Lierse SK over zijn huidige avontuur, Adrie Koster, Ajax en de nationale ploeg. "Ik heb nog de kwaliteiten om mee te kunnen bij de Rode Duivels."
De goaltjesdief pur sang is ook nu, inmiddels bijna 33 jaar oud, wars van clichés en volledig zichzelf. Een open boek, al geeft hij niet heel graag interviews. Dat blijkt ook wel uit de woorden van de persvoorlichter van Lierse: "Een interview is, echt waar, niet zo voor de hand liggend".
Erik van Haren zocht de oud-speler van Ajax op in Herentals, vlak bij Lier. In de serene rust van het kleine plaatsje ontstaat de enige drukte naast het trainingscomplex, waar een parkeerplaats is omgedoopt tot camping. Sonck staat voor zijn tweede seizoen bij de ambitieuze Belgische eersteklasser. Afgelopen jaargang ontliep de ploeg, in de tweede seizoenshelft onder het bewind van de inmiddels weer vertrokken Trond Sollied, ternauwernood degradatie. Dat moet dus vele malen beter.
"We hebben maar één doelstelling en dat is om het beter te doen dan vorig jaar", aldus de nieuwbakken aanvoerder. "Met Sollied deden we het veel beter in de tweede seizoenshelft, dus er zat wel progressie in. Grote stappen kun je echter met een kleine club niet maken, je zult dat stilaan moeten opbouwen."
Sonck vertrok twee jaar geleden na drie seizoenen bij de Belgische topploeg
Club Brugge. De aanvaller ging niet akkoord met het eenjarige contract dat hem werd aangeboden. "Er speelden ook andere dingen", kijkt Sonck terug. "Ik had twee seizoenen daarvoor nog veel gescoord, maar de nieuwe trainer Adrie Koster zette mij op de bank. Ik vond hem geen slechte trainer, maar hij was niet kordaat genoeg. Als je jezelf echter goed kunt verkopen, kan je blijkbaar toch lang meedraaien. Brugge wil meedoen aan de top, maar dat lukte bij lange na niet. Dan kun je veel praatjes hebben, maar gezien het materiaal zal er toch wel meer inzitten. Dan heb je ook als coach toch iets niet goed gedaan. Andere trainers werden de jaren ervoor ontslagen terwijl ze eerste of tweede stonden, omdat het voetbal niet goed genoeg was. Dan is het toch een beetje raar dat hij er nog steeds zit. Persoonlijk heb ik twee jaar geleden de beslissing genomen niet te blijven. Als de trainer het niet in je ziet zitten houdt het toch een keer op. Ik vond het jammer dat ik vertrok, maar ik heb er geen spijt van."
Het woordje -spijt- is in Soncks leven slechts één keer van toepassing. Daarvoor moeten we terug naar Nederland; zijn vertrek bij Ajax. De aanvaller verruilde Racing Genk medio 2003 voor de Amsterdammers, maar vertrok anderhalf jaar later alweer naar Borussia Mönchengladbach. In dat anderhalve seizoen in Amsterdam kwam Sonck nooit echt tot wasdom. In zijn eerste jaar in het buitenland scoorde de Belg in de Champions League weliswaar vier keer, in de competitie trof hij slechts negen keer doel. Sonck: "In de Europese wedstrijden speelden we vrijwel altijd met twee spitsen. In de competitie kwamen we in een 4-3-3-systeem in actie en dat lag mij totaal niet. Ik fungeerde in die formatie als rechtsbuiten. Dat is niet de trainer zijn schuld (Ronald Koeman, red.), maar Ajax speelt nu eenmaal met een bepaald systeem. Ik had het misschien zelf kunnen bedenken, maar Ajax had het me dat van tevoren ook niet verteld. Zlatan Ibrahimovic was de spits en die was nu eenmaal veel beter dan ik."
Ondanks het feit dat het sportief wellicht niet helemaal op rolletjes liep had Sonck persoonlijk een prima tijd in Amsterdam. Met onder andere Barcelona-verdediger Maxwell heeft de aanvaller nog regelmatig contact. "Bij Ajax heb ik na Racing Genk mijn beste tijd gehad en sportief ging het nog wel redelijk. Ik was echter ongeduldig en had het idee dat ik aan de rechterkant maar vijftig procent van mijn mogelijkheden kon benutten. Mauro Rosales werd ook nog eens aangetrokken voor die positie. Toen heb ik de fout gemaakt om veel te snel weg te gaan. Daar had ik achteraf wel spijt van. Bij Ajax is er altijd wat te beleven en dat vond ik helemaal niet vervelend. Ik vond het qua stad, spelers en supporters geweldig in Amsterdam. Het voetbal in Nederland vind ik overigens wel wat naïef Ploegen als FC Volendam probeerden in de Arena gewoon mee te voetballen, maar dan kregen ze bijvoorbeeld met 5-1 klop. Dat soort uitslagen zie je in België zelden."
Sonck speelt in de eerste competitiehelft van zijn tweede jaar in Amsterdam slechts negen wedstrijden en verruilde Ajax in de winterstop voor Mönchengladbach, op dat moment gecoacht door Dick Advocaat. "Advocaat belde me wel een stuk of tien keer, hij wilde me heel graag hebben. Ik kon daar ook wel goed verdienen, maar Dick was na vier maanden al weg. De club bleek heel stormachtig en instabiel en ik heb daar vervolgens niet zo'n leuke tijd gehad." Dat is nog een understatement. In tweeënhalf jaar in de Bundesliga speelt Sonck slechts 28 wedstrijden, waarna hij weer terugkeert naar België.
Drie jaar Club Brugge brengen hem vervolgens dus bij Lierse SK. Een opvallende keuze. "De club heeft de ambitie om uit te groeien en ik heb het ook prima naar mijn zin. Ik had twee jaar geleden ook wel andere aanbiedingen, vooral uit het buitenland, en had daar op zich ook wel oren naar. Ik heb echter drie kinderen en vond het uiteindelijk beter om in België te blijven. Ik verdien dan wellicht iets minder, maar ik heb gekozen voor mijn familie."
De keuze om bij het bescheiden Lierse te voetballen heeft wel als gevolg dat Sonck volledig uit beeld is bij bondscoach Georges Leekens. De 55-voudig international werd door de keuzeheer vorig jaar nog wel drie keer opgenomen in de voorselectie, maar daar bleef het dan ook bij. "Ik denk dat de Rode Duivels een gesloten boek is", zegt Sonck, die begint te lachen als het hoofdstuk van de nationale ploeg wordt aangesneden. Als invaller scoorde hij nog op het laatste eindtoernooi waar de Belgen actief waren, het
WK in 2002. "Dat ik van de top van België naar Lierse ben verkast heeft er vast ook wel wat mee te maken. Ik tel niet meer mee, maar ik denk daarentegen wel dat ik nog de kwaliteiten heb om mee te kunnen. Een echte killer ontbreekt momenteel nog in de ploeg en het afmaken ben ik nog niet verleerd. Er zijn wel veel talentvolle spelers op komst, maar die hebben tijd nodig."
Sonck mag dan naar eigen zeggen nog wel de kwaliteiten hebben, gefrustreerd is hij zeker niet. "Het is misschien raar, maar het doet me niets meer. Ik was er nog graag bij geweest, maar als je voelt dat je zelfs niet meer de tweede of derde keus bent dan laat ik het ook los. Daar heb ik geen enkel probleem mee."
Van een grote teleurstelling of revanchegevoelens ten opzichte van zijn buitenlandse avonturen is bij Sonck geen sprake, al is de kans nog best aanwezig dat hij zijn geluk nog elders gaat beproeven. "Ik heb altijd honderd procent achter mijn keuzes gestaan. Hier in België is natuurlijk wel alles vertrouwd en in het buitenland moet je na een slecht jaar als spits vaak alweer vertrekken. Ik voel me op dit moment nog heel fit en ken weinig fysieke problemen. Hoe lang ik nog door kan spelen weet ik niet, maar ik hoop toch nog wel drie jaar te kunnen voetballen. En wellicht zit een avontuur over de grens er nog wel in."
Na zijn loopbaan zal Sonck, die op negentienjarige leeftijd zijn debuut maakte bij het toenmalige RWDM, wellicht niet voor het voetbal verloren gaan. Een trainerscursus staat dit jaar op de planning. Een baan buiten het voetbal is echter ook een optie. "Wie weet word ik trainer, maar misschien wordt het heel iets anders. Na mijn carrière ga ik in ieder geval eerst eens wat meer tijd voor mezelf en mijn familie maken. Dan zien we wel weer verder, maar dat is nog lang niet aan de orde."
Auteur: Erik van Haren
Soccernews dankt hem hartelijk voor dit interview