Scheidsrechter Frank De Bleeckere bergt volgend jaar zijn fluitje op. De 44-jarige internationale toparbiter heeft daarom een biografie geschreven. In
Alles voor het Vak vertelt de Belg over zijn avonturen in de Champions League, op het
WK voetbal en de moeilijkste wedstrijd uit zijn succesrijke carrière.
Op 7 december 2002 moest De Bleeckere
Club Brugge - RSC
Anderlecht in goede banen leiden. Vlak voor de aftrap voelde de referee al dat het geen rustige namiddag ging worden. "De nervositeit gierde door de gangen, de adrenaline droop als het ware van de muren. Het is een gevoel dat moeilijk te omschrijven valt. Soms is het er, soms niet. De sfeer was tijdens de korte wachtperiode in de tunnel niet goed, dat kon ik die dag met zekerheid zeggen."
De Bleeckere trok in de volledig uit de hand gelopen topper drie rode kaarten. "Ik wist echt niet meer hoe ik die match in 's hemelsnaam moest rechttrekken. Het leek op dat moment ook een schier onmogelijke zaak. De spelers wilden die dag echt niet mee. Elk duel werd op het scherp van de snee gestreden. Iedere beslissing werd aangevochten, de mentaliteit van de voetballers op het veld was ronduit slecht. Voor de eerste keer in mijn leven was ik echt opgelucht dat het laatste fluitsignaal over mijn lippen rolde."
Na die beruchte wedstrijd kreeg de Oost-Vlaming nog heel wat te verwerken. "Toen ik daar zo ineengedoken in de kleedkamer zat, voelde ik alleen het immense drama. Je kon daar echt een speld horen vallen. Fysiek, maar ook mentaal was ik op. Stilaan sijpelden ondertussen de reacties van buitenaf door. Ik hoorde al snel dat niemand tevreden was."
Tot overmaat van ramp werd de woning van De Bleeckere bekogeld met stenen en stonden er bij zijn thuiskomst een massa woedende supporters hem op te wachten. Volgens
Het Nieuwsblad kreeg de scheidsrechter en zijn familie politiebewaking tot de storm ging liggen.