Tegen Club Brugge en Royal Antwerp FC viel het pijnlijk op dat heel wat spelers niet het niveau hebben voor RSC Anderlecht. Dat ligt aan Marc Coucke en Luc Devroe, maar ook aan Herman Van Holsbeeck. De balans is vernietigend.
In doel is Thomas Didillon een speler die het niveau aankan, ook al presteerde hij zwak tegen Club Brugge en KRC Genk. Franck Boeckx is een degelijke back-up, Boy de Jong loopt enkel jong talent in de weg.
Achteraan zijn Kara Mbodji, outstanding tegen Club, en Sebastiaan Bornauw de twee enigen die echt het niveau hebben. Alexis Saelemaekers heeft het potentieel. Tegen Club Brugge en Antwerp bewezen Ivan Obradovic, James Lawrence, Bubacar Sanneh (zwakke invalbeurt) en Dennis Appiah dat zij niet thuishoren bij een Belgische topclub. Andere jongens als Antonio Milic en Ognjen Vranjes ook niet, Elias Cobbaut verdient nog respijt.
Op het middenveld is er iets meer weelde. Sven Kums, Adrien Trebel, Sambi Lokonga, Yari Verschaeren en Andy Najar hebben het niveau voor RSCA. Pieter Gerkens is een degelijke back-up, maar geen materiaal voor de basis. Edo Kayembe, Peter Zulj en Yevheni Makarenko wegen te licht. Hun handelingssnelheid ligt veel te laag.
In de aanval zijn Yannick Bolasie – voor hem moet RSCA alles uit de kast halen om hem te houden - , en Landry Dimata de enigen die echt voldoen. Francis Amuzu, Zakaria Bakkali en Jérémy Doku zijn nog geen materiaal voor de basis, maar misstaan niet in de kern van een ploeg als RSCA. Spelers als Luka Adzic (zelfs nu komt hij niet aan de bak) en Ivan Santini vallen stevig door de mand.
Conclusie: van de huidige A-kern zijn er volgens onze mening 17 spelers die een plaats hebben bij RSCA, waarvan er zeker 7 eigenlijk zeker geen basisplaats kunnen claimen. Maar liefst 12 spelers zitten bij Anderlecht bij een ploeg die wellicht te hoog is gegrepen voor hen. Frank Arnesen wacht een helse taak, want dan spreken we nog niet van de overbodige huurspelers die in de zomer terugkeren… Geen één van hen is een meerwaarde voor een topclub.
LEES OOK: Anderlecht draait koers: succesrecept keert terug?
Claudio Reulens