Het ontslaan van een trainer heeft vrijwel nooit zin. Clubs die hun trainer ontslaan, presteren daarna niet beter dan clubs die in zware tijden vasthouden aan hun coach. Dat is de uitkomst van een onderzoek van de Nederlandse economen Jan van Ours en Martin van Tuijl.
De onderzoekers namen 42 ontslagen van trainers tussen 2000 en 2014 onder de loep. Er waren geen merkbare verschillen tussen clubs die hun trainer ontsloegen, en clubs die ondanks zwakke prestaties vasthielden aan de trainer. Van Ours en Van Tuijl berekenden op basis van noteringen bij bookmakers het aantal verwachte punten dat clubs zouden behalen en zetten dit af tegen het werkelijk behaalde aantal punten. "Dit laat zien dat een opeenvolging van slechte resultaten in veel gevallen niet is toe te schrijven aan de kwaliteit van een trainer", concluderen de onderzoekers.
Dat trainers toch worden ontslagen, zou vaak komen omdat bestuurders niet inzien dat er vermoedelijk weinig verschil zal ontstaan. "Andere redenen kunnen gevonden worden in verstoorde relaties tussen de trainer-coach en andere betrokkenen." In de
Jupiler Pro League ruilden Racing Genk en Lierse SK hun trainer al in voor een ander exemplaar. Voor een kentering in de resultaten heeft dat bij beide clubs niet gezorgd.