Ruben Van Gucht duikt op in sportzalen, in talkshows en in krantenkoppen, maar vooral in discussies over zichzelf. Terwijl hij schakelt tussen zijn werk bij de VRT en zijn rol bij VTM, groeit ook het verhaal rond hem. Niet alleen als journalist, maar als figuur waar men graag een label op kleeft. Eén daarvan blijft maar terugkomen.
LEES OOK: Van Gucht haalt hard uit na pijnlijke exit: "Blaas het op!"
Het woord dat blijft hangenHet is een label dat hij zelf liever niet op zich laat plakken. “Niet iedereen die voor zichzelf kiest, is een narcist” klinkt het scherp in een recente column bij Nina (HLN) waarin hij ingaat tegen het beeld dat online over hem circuleert. Volgens Van Gucht is er een groeiende gewoonte om zware psychologische termen lichtzinnig te gebruiken. Alles wordt toxisch genoemd, overal ziet men signalen en vooral het woord narcist wordt volgens hem te snel bovengehaald.
Hij benadrukt dat hij begrijpt dat kritiek deel is van publieke zichtbaarheid, maar dat de grens soms vervaagt tussen mening en diagnose. Dat hij daarbij vaak zelf het onderwerp is van discussie, maakt het voor hem des te zichtbaarder hoe snel mensen conclusies trekken over iemand die ze enkel via schermen kennen.
Tussen media en beeldvorming
Dat Van Gucht zichtbaar is in het medialandschap helpt volgens hem niet om de nuance te bewaren. Hij is een bekende stem en een herkenbaar gezicht, en net dat maakt hem volgens critici een dankbaar mikpunt. Toch wijst hij erop dat werken in de media per definitie betekent dat je jezelf toont, en dat zichtbaarheid niet gelijkstaat aan egocentrisme.
In zijn reactie schuift hij de vraag terug naar het publiek. Wie bepaalt wanneer iemand zichzelf centraal zet en wanneer iemand gewoon zijn job doet in de publieke ruimte.
Volgens hem is het net die verwarring die ervoor zorgt dat het woord narcist zijn betekenis verliest. En dat, zo stelt hij, maakt het debat niet alleen harder maar ook minder eerlijk.
Maarten Coenen