Club Brugge zit met een probleem dat maar blijft aanslepen. De rechtsachterpositie zorgt al maanden voor problemen, en elke keuze van de trainer maakt dat nog duidelijker. Wat ooit een versterking moest zijn, voelt steeds meer als een verkeerde inschatting van de club.
LEES OOK: Basiself Club: onverwachte naam grijpt kans bij Leko
Een transfer zonder zegenDe discussie over Hugo Siquet laaide onlangs opnieuw op, maar eigenlijk sluimert die al veel langer. In december schreef Jan Hauspie in HUMO de duidelijke woorden dat er destijds geen eensgezindheid was over zijn komst naar Club Brugge. Als een speler binnenkomt zonder veel draagvlak, dan hangt er automatisch vanaf dag één twijfel rond zo’n speler. Dan moet hij niet alleen concurreren met ploegmaats, maar ook met een eerste indruk die nooit helemaal positief was.
Na Union vorige week ging het vooral over de keuzes van Ivan Leko. Sabbe viel uit, maar Siquet kreeg niet automatisch zijn kans op rechts. Joaquin Seys schoof door van links naar rechts en Bjorn Meijer kwam in de ploeg. Het Laatste Nieuws schreef dat dit toonde dat Leko in Siquet nog minder vertrouwen had dan in Meijer. Hein Vanhaezebrouck zei het in wem>Het Nieuwsblad zoals veel Bruggelingen het dachten: “Hoe zou Hugo Siquet zich voelen? Sabbe valt uit en de doublure mag niet starten.”

Leko werkte liever rond Siquet heen dan hem centraal in zijn plan te zetten. Maar die twijfel is er al veel langer dan vorige week. Hein Vanhaezebrouck herhaalde dit seizoen bijvoorbeeld maandenlang dat Siquet en Sabbe te weinig zijn voor het niveau dat Club Brugge nastreeft. Al in november schreef Het Nieuwsblad dat Siquet niet zijn beste maanden kende in Brugge en dat hij achteraf bekeken misschien niet voor blauw-zwart zou hebben gekozen. Er was frustratie over beperkte kansen, er werd nagedacht over andere oplossingen. Dat was nog onder Nicky Hayen. Onder Leko is het vertrouwen nog verder weggezakt.
Gewogen en te licht: Champions League was nachtmerrie
Bij Club Brugge wordt de lat bewust hoger gelegd dan in België, richting Europa. Siquet werd ook hier gewogen en te licht bevonden, zijn Europese matchen waren veelzeggend. Tegen Sporting was de analyse in HLN hard: “Niet goed genoeg voor dit niveau.” Tegen Arsenal hield hij één helft stand, daarna werd het verschil met Martinelli te groot. Siquet werd niet gehaald voor 3 miljoen euro als noodoplossing, maar om een nieuwe stap te zetten bij Club Brugge en een Rode Duivel te worden. Vandaag lijkt dat verhaal omgekeerd: hij is verzeild geraakt in een dossier waarin zijn plaats telkens opnieuw ter discussie staat.

Tegen KV Mechelen kwam er wel een duidelijke tegenreactie. Club won met 6‑1 en Siquet behoorde volgens Het Nieuwsblad tot de uitblinkers. Hij brak lijnen met zijn passing, zette de 1‑0 mee op en had ook een voet in de 5‑1. Niet slecht voor iemand die wekenlang amper minuten kreeg. Siquet liet eindelijk zien wat Club ooit in hem zag: durf, activiteit, loopvermogen en de reflex om vooruit te voetballen. Op een avond waarop Club na rust ontplofte, zat hij mee in die versnelling. Dat zal Leko ook gezien hebben.
Zeldzaam lichtpunt of een duur afscheidscadeau
Dat maakt dit dossier-Siquet zowaar nog lastiger voor Leko. Sportief heeft Siquet net genoeg getoond om hem niet zomaar weer te negeren. Maar het grotere verhaal rond hem blijft bestaan. De twijfels van de voorbije maanden verdwijnen niet door één goeie wedstrijd tegen KV Mechelen. De interne context verandert niet. De uitspraken van Vanhaezebrouck verdwijnen niet. En ook die opmerking uit HUMO blijft boven het dossier hangen. Eind januari werd Siquet al genoemd als iemand die via een achterpoortje kon vertrekken. Dat zou sportief logisch zijn, maar tegelijk ook een stille bekentenis. Niet alleen dat Siquet het niet heeft kunnen waarmaken, maar ook dat Club Brugge zich in dit dossier heeft vastgereden.
Olivier Plancke