Bij Anderlecht is het klaar. Wat begon als een snelle huuroplossing achterin, is in enkele maanden uitgegroeid tot een lastig dossier De club wilde extra zekerheid centraal achterin, maar kreeg vooral twijfel, kritiek en gedoe. En nu lijkt RSCA de stekker er zonder pardon uit te trekken.
LEES OOK: Wintermercato Anderlecht flopt: dramatische cijfers
Deadline-paniek: Ilić moest plots het gat dichtenIn amper enkele maanden is Mihajlo Ilić bij RSC Anderlecht uitgegroeid tot een dossier dat meer vertelt over de onrust rond de club dan over één speler alleen. De Servische centrale verdediger kwam op het einde van de zomermercato binnen als huuroptie, maar belandde al snel in een moeilijke situatie: te weinig minuten om zich te bewijzen, maar genoeg twijfel om elke fout uit te vergroten.
Ilić (22) werd op 8 september officieel aangekondigd door Anderlecht: een éénjarige huur van Bologna FC 1909, mét aankoopoptie. In de dagen erna werd de context duidelijker: het was een transfer in de absolute deadline, ingegeven door de nood aan extra mankracht centraal achterin. Die nood was mee ontstaan na het vertrek van Jan-Carlo Simić richting Al-Ittihad Club, een deal die Anderlecht in totaal naar verluidt 21 miljoen euro opleverde.

Anderlecht verkocht duur, maar moest tegelijk laat een vervanger zoeken. In zo’n situatie is een huurling met een aankoopoptie vaak de snelste oplossing, zeker wanneer een club niet meteen een definitieve transfer wil of kan afronden. Op papier was Ilić een aantrekkelijk profiel voor RSCA: 1m92, rechtsvoetig, centrale verdediger. Bologna haalde hem in januari 2024 definitief weg bij FK Partizan. De Italiaanse club omschreef hem in haar communicatie als een talent met “personality” en “a good sense of positioning”, plus een “interesting long kick”.
Alleen: topvoetbal op het hoogste niveau stond nog niet op zijn cv. Bij Bologna kwam hij (nog) niet aan speelminuten in de Serie A, en hij werd in de praktijk vooral beschouwd als een speler voor de toekomst. Dat verklaart ook waarom Anderlecht hem kon huren: hij moest in een competitieve kern groeien, zonder dat Bologna hem meteen nodig had.
De pers was genadeloos: “paniektransfer” in het vizier
De eerste indrukken waren hard. Het Laatste Nieuws noemde hem na de bekermatch tegen KVK Ninove een voorbeeld van hoe paniektransfers op deadline day zelden renderen. De analyse was stevig: dramatisch positiespel, traag in omschakeling, onzeker in duels, en na een uur vervangen. Een paar dagen eerder, na Dender klonk het al dat hij een onzekere indruk maakte, soms onoordeelkundig uitstapte en op snelheid werd afgetroefd.
In december schreef La Dernière Heure dat Ilić niet goed genoeg was en zelfs op training geen vertrouwen had afgedwongen. Het Nieuwsblad ging in dezelfde richting: de defensieve huurlingen – ook Yasin Özcan – losten de verwachtingen bijlange niet in, en bij Ilić vroeg men zich af of het wel zin had om hem na de winterstop nog te houden.
Dat is ook het opvallende aan zijn eerste halfjaar: hij verdween stilaan uit het plan. In januari meldde Het Laatste Nieuws dat er door coach Besnik Hasi niet meer gerekend werd op Özcan en Ilić. De ondertoon was duidelijk: als Anderlecht iets kon verschuiven in de kern, dan liefst zonder reputatieschade, maar wél met sportieve winst.

Toenmalig sportief directeur Olivier Renard probeerde in december het debat te kaderen. Voor VTM NIEUWS erkende hij dat hij veel kritiek las en hoorde, maar hij voegde er een nuance aan toe: “Het is niet omdat ze niet spelen, dat het slechte spelers zijn.” Daarbij verwees hij expliciet naar het feit dat ze onder contract stonden bij Bologna en Aston Villa.
Die quote toont vooral het dilemma: als je een huurling publiek afbrandt, ondergraaf je tegelijk je eigen dossier (en je relatie met de uitleenclub). Maar sportief gezien bleef het vraagteken bestaan, ook in de eigen pers. De Morgen schreef dat de gehuurde jonge centrale verdedigers op training geen verpletterende indruk maakten, terwijl Ilić ongeveer één miljoen aan marktwaarde verloor op een halfjaar en moest hopen op meer kansen onder de volgende coach.
Eindelijk zijn kans… maar zonder krediet: Ilić speelt op eieren
In januari kreeg Ilić eindelijk zijn kans. Niet door een plotse vertrouwensboost, maar door omstandigheden. Bij AA Gent moest de Serviër centraal achterin spelen omdat Lucas Hey geschorst was. Het Nieuwsblad schetste het droog: “Ilić heeft nog bitter weinig krediet, maar nood breekt wet.” De match zelf leverde gemengde signalen op. HNB zag een huurling die vaak goed in de weg liep en het leer rudimentair wegwerkte wanneer nodig, maar ook eens los naast de bal trapte.
Hasi was achteraf opvallend mild. “Mihajlo Ilić heeft zijn wedstrijd gespeeld tegen Gent. Hij heeft bewezen dat we een extra optie hebben centraal achterin. Maar als er een goede opportuniteit komt, zullen we het niet laten.” Het was tegelijk compliment én waarschuwing: hij is bruikbaar, maar niet onaantastbaar. Ook Franky Van der Elst legde in Het Nieuwsblad de vinger op de wonde, vooral wat de bezetting betreft.
Over de centrale verdedigers in de kern zei hij onder meer: “Wie heeft Anderlecht daar nog? Die Ilić moet blijkbaar toch niet goed genoeg zijn.” En hij prikte door het excuus van zware concurrentie: “’t is niet dat hij de concurrentie van zich weg moet slaan, hé.” Die passage is relevant omdat ze de kern van het Ilić-dossier samenvat: als een speler zelfs in een dun bezette rotatie niet naar voren komt, dan zegt dat óf iets over de speler, óf over het vertrouwen van de staf, óf over allebei.

Na de match tegen KRC Genk, kwam die insteek opnieuw bovendrijven. De Standaard merkte op dat Ilić nog degelijk begon, maar een makkelijke controle miste die leidde tot de corner voor 2-0. Het Nieuwsblad ging nog verder: de huurling leek afgeschreven en verguisd, speelde tot minuut 75 een degelijke match en blokte veel, tot hij een makkelijke controle miste in de box en zo een onnodige corner weggaf.
Het is het verhaal van een verdediger zonder krediet: bij een basisplaats moet bijna alles juist zitten om het beeld te kantelen, terwijl één fout volstaat om het oude verdict te bevestigen. In de sneeuwmatch tegen La Louvière startte Ilić opnieuw en hij deed weinig verkeerd. Tegenover zijn defensieve compagnon Hey viel de Serviër zelfs op door zijn opbouw en positiespel.
Conclusie bij RSCA: Ilić wordt koud doorgeschoven
Zijn contractuele situatie maakt het niet eenvoudiger: hij is gehuurd tot 30 juni 2026 en ligt bij Bologna onder contract tot 2028. De aankoopoptie werd op 6 miljoen euro gezet, met een doorverkooppercentage voor Bologna. Die optie zal sowieso niet worden gelicht, zelfs met de komst van een nieuwe coach bij Anderlecht. RSCA zoekt voor zijn defensieve ambities (en zijn bouw van achteruit) een ander type centrale verdediger. Ilić kreeg zelden kansen, speelde af en toe degelijk, maar kon het wantrouwen niet wegwerken. In een omgeving waar een fout meteen uitvergroot wordt, is dat een gevaarlijke positie.
Olivier Plancke