Dat de sportieve malaise groot is bij Beerschot, werd met 4-0 in Kortrijk nog maar eens in de verf gezet. Zonder Stijn Stijnen kon het overigens veel meer zijn. Hoe het nu verder moet, zal zaterdag duidelijk worden. Dan moeten de Antwerpenaren vol aan de bak tegen Bergen.
"Er werd ons gevraagd om samen druk te zetten en samen te verdedigen. Maar we kwamen altijd net te laat, waardoor we te makkelijk werden uitgespeeld. Op die manier loop je een hele wedstrijd achter de bal aan. Bovendien gaven we de bal veel te snel af. En zonder balbezit kan je niet fatsoenlijk opbouwen", vertelt verdediger Boldiszar Bodor in
Het Nieuwsblad.
"Het zakt te rap in elkaar. Niet als een pudding, maar toch te snel. Nochtans heerste er na de stage in Turkije een goed gevoel. Iedereen geloofde dat we in Kortrijk iets konden rapen. We waren op zoek naar onszelf en de bal. We kwamen nooit in ons ritme."
"Of de spelers schrik hebben om initiatief te nemen? Ik denk het niet, maar als je amper aan de bal komt, is het moeilijk om iets te creëren. Tegen Bergen moeten we er absoluut voor zorgen dat we uit deze negatieve spiraal komen. Die vijftiende stek is nog geen degradatieplaats", blijft de Hongaar hoopvol.