In het London Palladium Theatre werd maandag de Ballon d'Or uitgereikt. Voor de 70ste editie van de meest prestigieuze individuele onderscheiding in het voetbal was er dit keer eens geen uitgesproken favoriet. Wie kwam er als winnaar uit de bus?
Vooraf was het koffiedik kijken wie uittredend laureaat Ousmane Dembélé zou opvolgen, want het kransje aan kanshebbers was zeer uitgebreid. De voornaamste kandidaten om de oppergaai te veroveren waren echter Lamine Yamal, Kylian Mbappé en Harry Kane, met onder meer Michael Olise, Rodri en Erling Haaland als belangrijkste outsiders.
LEES OOK: Bloedstollende strijd om Ballon d'Or: dé top 5 volgens VN
Spaans feestjeDe nog altijd pas 19-jarige winger van Barcelona beklom vroeg op de avond alvast een eerste keer het podium, want als Talent van het Jaar mocht Yamal nu al voor de derde keer op rij de zogenaamde Kopa Trofee ophalen. Als beloning voor hun WK-triomf vielen nadien ook diens landgenoten Luis de la Fuente en Unai Simon nog in de prijzen.
Die eerste werd verkozen tot Trainer van het Jaar, terwijl de doelman van Athletic Club de Yashin Trofee in de wacht sleepte. Bij de vrouwen maakten respectievelijk Vicky Lopez, Pere Romeu en Cata Coll, stuk voor stuk actief bij Ploeg van het Jaar FC Barcelona, de Spaanse dominantie in afwachting van de hoofdvogels dan weer al compleet.
Kane triomfeert
Nadat bij de mannen PSG uitgeroepen werd tot de Ploeg van het Jaar, en Kane en Charlyn Corral in de bloemetjes werden gezet als Spitsen van het Jaar, was het moment van de waarheid dan eindelijk aangebroken. Bij de vrouwen schoot Alexia Putellas al voor de derde keer de oppergaai af, waarmee ze recordhoudster Aitana Bonmati evenaart.
De vraag die na de lange ceremonie evenwel op ieders lappen brandde, was wie bij de mannen zijn naam zou mogen bijschrijven op de erelijst. Uiteindelijk was het enigszins verrassend Kane die de trofee in ontvangst mocht nemen. De 33-jarige spits van Engeland en Bayern München mag zich voor een jaar de beste voetballer ter wereld noemen.
Arne Decraene