Club Brugge trekt met veel vertrouwen naar de Brugse derby, maar Ivan Leko dreigt één onbegrijpelijke keuze gewoon te herhalen. Tegen Cercle kan dat veel harder afgestraft worden dan tegen Kortrijk en OHL. Blauw-zwart vraagt zo bijna zelf om problemen.
LEES OOK: Leko streng voor 'man van de match': "Niet de beste versie"
Leko blijft blind voor duidelijk Diakhon-probleemMamadou Diakhon kent een opvallende competitiestart. Tegen KV Kortrijk gaf hij een assist en lokte hij een strafschop uit. Een week later volgden een doelpunt en een assist op het veld van OH Leuven. Eén goal, twee assists en een penalty versierd: geen enkele speler van Club was tijdens de eerste twee speeldagen vaker beslissend dan de Fransman.
Toch zorgde Diakhon tegen OHL opnieuw voor ergernis bij een deel van de Club-aanhang. Vooral zijn slordigheid in de laatste zone en zijn hoekschoppen werden op sociale media op de korrel genomen. ‘Elke voorzet is balverlies (...) en over zijn hoekschoppen zullen we maar zwijgen’, klonk het onder meer tijdens de wedstrijd.”

Die kritiek lijkt vreemd naast zijn statistieken, maar ze legt wel het grote probleem bloot. Diakhon combineert zijn rendement nog altijd met balverlies, slechte keuzes en mislukte voorzetten. Vooral zijn hoekschoppen blijven een pijnpunt. Tegen OHL waren ze opnieuw ondermaats. Van zijn negen voorzetten bereikte amper één een ploegmaat.
Onder meer daarom was Leko na de ruime overwinning tegen OHL opvallend streng. “Vandaag had hij geluk met het doelpunt en de assist. Maar dit is nog niet de Diakhon die ik vorig seizoen in januari en februari zag. Dat was een machine”, verklaarde hij aan Het Nieuwsblad. “Het was geen prestatie waarvan je ‘wauw’ zegt. Neen, dat was het niet.”
Vorige derby was al een grote waarschuwing
Het probleem is niet nieuw. Uitgerekend in de vorige derby tegen Cercle liep Club al tegen exact dezelfde problemen aan. Diakhon gaf toen wel de assist voor de 0-2 van Carlos Forbs, maar verprutste meerdere hoekschoppen.
Tot twee keer toe verzamelden Mechele, Ordóñez, Forbs, Tresoldi en Stankovic aan de cornervlag. Na kort overleg stormden ze richting zestien voor een ingestudeerde variant. Het voorbereidende werk werd telkens waardeloos omdat Diakhon een slechte hoekschop trapte.
“Trapte slechte corners, maar één-op-één was hij opnieuw sterk. Een wapen voor dit Club Brugge. Al moet hij blijven werken aan het vervolg”, luidde het verdict van Het Nieuwsblad na die derby. Zes maanden later is er op dat vlak nauwelijks iets veranderd.
Club gebruikt Diakhon precies waar hij zwak is
Diakhon is linksvoetig, heeft techniek en levert op training scherpe ballen af. Club wil bovendien variatie tussen indraaiende en wegdraaiende hoekschoppen. Dat maakt het logisch dat Diakhon ze soms neemt. Alleen leveren zijn voorzetten te weinig op. Diakhon is op zijn gevaarlijkst wanneer hij ruimte krijgt, een verdediger kan opzoeken en op volle snelheid een actie inzet.
Een stilstaande fase vraagt net het tegenovergestelde: rust, dosering en een zuivere laatste bal. Precies dat wordt al sinds zijn komst als zijn grootste werkpunt genoemd. Club zet om hoekschoppen te trappen dus in een rol die zijn zwakte uitvergroot. Tegelijk kan hij daar niet klaarstaan voor de afvallende bal.

Nochtans zou Diakhon net in de tweede fase gevaarlijk kunnen zijn. Een slecht weggewerkte hoekschop, een verdediging die uit positie staat en één tegenstander tussen hem en het doel: dat is veel meer zijn sterkte. Niet bij een ingestudeerde hoekschop waarvoor vier of vijf ploegmaats exact afgesproken looplijnen uitvoeren.
Leko dreigt Cercle zelf in de match te helpen
Tegen Kortrijk en OHL kon Club zich wat slordig voetbal veroorloven. Het won beide wedstrijden met 3-0 en creëerde voldoende kansen om slechte voorzetten of verkeerde keuzes op te vangen. Een Brugse derby is echter anders. In zo’n wedstrijden kan één stilstaande fase het verschil maken. Een slechte hoekschop betekent dan niet alleen een gemiste kans. Net daarom is het opvallend dat Leko lijkt vast te houden aan iets waarover zelfs bij de eigen aanhang al openlijk kritiek wordt geuit.
Club stuurt zijn centrale verdedigers mee naar voren en laat achteraan ruimte liggen. Wanneer de bal de eerste verdediger niet voorbij raakt, kan Cercle onmiddellijk counteren. Diakhons rendement rechtvaardigt een nieuwe kans in de basis. Maar eenvoudigste ingreep is misschien om hem gewoon geen hoekschoppen meer te laten trappen.
Club heeft voldoende andere spelers met een zuivere trap. Diakhon kan dan aan de rand van de zestien of iets verder achteruit wachten op de tweede bal. Zo gebruikt Leko zijn explosiviteit zonder het hem ingestudeerde fases te geven, waarbij het resultaat altijd wisselvallig zal zijn.
Het zou onbegrijpelijk zijn om Diakhon tegen Cercle opnieuw meerdere hoekschoppen te laten verspillen. Omdat Club hem veel beter kan gebruiken.
Olivier Plancke