Club Brugge kijkt opnieuw rond voor een extra centrale verdediger — en dat zegt veel over de nervositeit achterin. Wat ooit een rustig groeiproject moest zijn, botst ineens op de harde realiteit van een dunne kern en een zomer die eraan komt. En dat is vooral een stevig signaal naar de “miljoenenman” die sneller had moeten staan.
LEES OOK: 'Leko velt hard verdict: Club Brugge dumpt dure flop'
Dreun in de defensie: Club zoekt weer extra zekerheidClub Brugge heeft de voorbije jaren een herkenbaar patroon ontwikkeld: vroeg toeslaan in minder hoog aangeschreven competities, een talent rustig laten rijpen en pas cashen wanneer de doorbraak er echt is. Het is een model dat blauw-zwart al succes opleverde met spelers als Odilon Kossounou en Antonio Nusa, en dat ook opnieuw van toepassing moest zijn op Vince Osuji. De 19-jarige Nigeriaan was zo’n profiel dat Club piepjong inkoopt, rustig laat rijpen om dan over enkele jaren te cashen.
Alleen: waar dat plan oorspronkelijk vooral toekomstgericht leek, is de context intussen veranderd. De spoeling achterin is dun, de markt wordt opnieuw afgetast, en Osuji schuift sneller richting de realiteit van het eerste elftal dan bij een klassiek projectje het geval is. Dat Club Brugge in januari opnieuw naar de defensie keek, is niet toevallig. Achterin mag er niet te veel gebeuren, precies omdat er al weinig marge is. Zaid Romero werd overbodig genoemd en is intussen uitgeleend aan Getafe CF. En Osuji zelf kon op winterstage weer niet overtuigen.

Volgens Het Nieuwsblad tastte Club Brugge de markt af op zoek naar een opportuniteit centraal in de verdediging en legde het wel meer lijntjes uit naar interessante spelers. De argumentatie is duidelijk: Romero is uitgeleend, Osuji overtuigt nog niet voldoende, en Ordóñez is komende zomer een quasi zekere vertrekker. Met andere woorden: zelfs als Club intern oplossingen wil laten groeien, is het risico te groot om achterover te leunen.
Nochtans was het de bedoeling dat Club Brugge de hiaten centraal achterin intern had opgevangen. Vorige zomer speelde Club met het idee om het ingecalculeerde vertrek van Joel Ordóñez intern op te vangen. De puzzelstukjes lagen klaar: Spileers, die uiteindelijk dan toch die contractverlenging tekende, Romero in wie de clubleiding tot voor kort nog fel geloofde, en de hoop dat Osuji dezelfde ontwikkeling als Abakar Sylla drie jaar geleden zou doormaken. Maar de praktijk bleek complexer: tussen potentieel en topniveau zit vaak een tussenstap die je niet kunt overslaan.
Miljoenen voor Osuji, maar Club blijft wachten
Puur op profiel bekeken is het logisch waarom Club Brugge drie miljoen euro op tafel legde voor Osuji in de winter van vorig jaar. Maar het was ook opvallend, omdat hij op dat moment amper zestien matchen in het eerste elftal van Kalmar achter de rug had, en dat bij een ploeg die degradeerde uit de Allsvenskan. Toch zagen ze het in hem: Osuji is 1,88 meter groot, atletisch en “kan een potje voetballen”, dixit Het Nieuwsblad..
Osuji’s carrièrepad leek opvallend veel op dat van Odilon Kossounou: als 18-jarige weggeplukt uit Zweden met weinig ervaring, en later voor een grote som verkocht. Osuji telde zestien matchen voor Kalmar, Kossounou had er destijds amper negen in Zweden. Club legde opnieuw een aanzienlijke som neer voor een jonge verdediger met amper ervaring op het hoogste niveau. Het is een typische Club-transfer: vroeg kopen, rustig rijpen, later cashen.

Bij Osuji speelde ook het netwerk mee: zijn makelaar behartigt de belangen van Gustaf Nilsson en begeleidde Kossounou tijdens zijn periode bij Club. Club nam zo een mooie voorsprong op andere geïnteresseerden: FC Salzburg, AFC Ajax en ook Belgische clubs visten allemaal achter het net. Volgens Het Nieuwsblad was er zelfs geen waterkans voor de concurrentie, omdat Osuji’s entourage eerder besliste dat een transfer naar België enkel voor Club” zou zijn.
Hard signaal: Osuji is nog geen ‘zekere’ oplossing
Maar tegelijk stond er ook een duidelijke verwachting: Club rekende dit seizoen op hem als volwaardig lid van de A-kern als centrale verdediger. “Hij telt mee,” schreef Het Nieuwsblad. Het wijst erop dat de club hem niet meer enkel als langetermijnproject ZAG, maar als een speler die op korte termijn in de rotatie moest komen— zelfs al was het met mondjesmaat. De Zondag schreef dat de evolutie van Osuji bij Club NXT nauwlettend in de gaten wordt gehouden en somde kwaliteiten op: “de nodige body, snelheid en hij leest het spel prima”. De conclusie klonk ambitieus: “Wij verwachten dat hij eerder vroeger dan later de overstap naar het eerste elftal zal maken”.
Osuji dwong na zijn aanpassingsperiode bij Club NXT op enkele maanden een basisplek af en ging in de zomer mee op stage ging met de A-ploeg. Club Brugge zag hem hetzelfde traject volgen als Ordóñez en Antonio Nusa, al werd er meteen bij gezegd dat hij uiteraard nog tijd nodig zal hebben. Club had hoge verwachtingen van het eigen model, maar bleef publiekelijk voorzichtig over de timing.

Toch blijft het vandaag zoeken naar echte speelkansen. Osuji is al langer een man voor de toekomst maar hij moet het voorlopig doen met bijzonder weinig speelkansen. De balans is hard: één helft tegen Eendracht Aalst-Lede, waarin hij een tegenvallende indruk naliet, en korte invalbeurten tegen OH Leuven (beker) en Zulte Waregem (competitie), meer mogelijkheden om zich te tonen kreeg hij dit seizoen voorlopig niet.
Olivier Plancke