KRC Genk staat bekend als een opleidingsclub, waar toppers als Kevin De Bruyne en Thibaut Courtois op jonge leeftijd vol hun kans kregen én grepen. Toch telt de typeploeg van de Limburgers tegenwoordig nog maar twee Belgen: Bryan Heynen en Theo Bongonda. Samen met bankzitter Cyriel Dessers zijn zij zelfs zowat de enige 'routiniers' met een Belgisch paspoort in de Luminus Arena.
Dat bleek ook op bezoek bij Club Brugge, waar Dessers op de bank het gezelschap kreeg van youngsters Maarten Vandevoordt, Pierre Dwomoh en Luca Oyen. Genk voldeed zo maar net aan het absolute minimum van zes Belgen op het wedstrijdblad, een regel die een tijdje geleden werd ingevoerd en ervoor zorgt dat buitenlanders als Jere Uronen en Eboue Kouassi naast de kern vielen. Een scenario dat zich wekelijks niet enkel bij Genk, maar bij wel meerdere ploegen in 1A afspeelt. Dat stelt ook Het Nieuwsblad vast op basis van een uitgebreide analyse van de selecties bij de diverse clubs tijdens de afgelopen speeldag.
Vaak wordt daarbij een beroep gedaan op jonkies als zogenaamde 'excuus-Belgen' om toch maar aan de quota te voldoen. Naar eigen zeggen is daar bij Genk echter geen sprake van. De club liet het dagblad immers weten dat de integratie van de vele tieners in de A-kern, met ook Bryan Limbombe en Elias Sierra, een bewuste strategie in hun ontwikkeling vormt. Het bestuur zou al deze jongeren namelijk aanzien als toekomstige basisspelers met een toekomst in de Luminus Arena, en dus niet louter als beloften om de bank te vullen. Op termijn is het dan ook de bedoeling dat het elftal weer wat Belgischer kleurt.
LEES OOK: Kassa kassa in JPL: 120 miljoen voor vier smaakmakers
Arne Decraene