Club Brugge verzekerende zich van de diensten van Wesley Moraes Ferreira da Silva. De Braziliaanse spits zou gelijkenissen moeten hebben met Obbi Oulare, die naar Watford vertrok afgelopen zomer. Michel Preud’homme was verheugd met die
transfer en ook Leo van Veen is vol lof over de nieuweling van Club Brugge.
Van Veen is technisch directeur bij AS Trencin, de Slovaakse landskampioen waar Club Brugge hem ging scouten. "Eén brok spieren, groot en sterk, iemand die zich niet gemakkelijk opzij laat zetten. Ondanks zijn lengte (1m90) vrij snel. Alleen: omdat zijn ene been een paar centimeter langer is dan het andere, loopt hij wat vreemd. Hij zwabbert van links naar rechts, op het ritme van de muziek, maar was zelden geblesseerd." Eerder testte hij ook bij Atlético Madrid en AS Nancy, maar daar wist hij niet te overtuigen.
Bij Trencin kreeg hij wel genoeg tijd. "Hij heeft de tijd gekregen om zich aan de passen. Eerst bij de U19, waarna hij ook geleidelijk met de eerste ploeg mee trainde. Wesley verstond geen woord Engels, maar hij stond erop dat we hem in het Engels aanspraken. Zo pikte hij beetje bij beetje woordjes op, waardoor we met hem ook videobeelden konden analyseren. Leergierige jongen, die nooit klaagde", zo vertelt Van Veen in
Sport/Voetbalmagazine.
De negentienjarige spits kan redelijke cijfers voorleggen: 8 goals en 5 assists in 22 wedstrijden. "Sterk aan de bal, waardoor hij ook op het middenveld mee kan voetballen. Bal afschermen en bijhouden, een-tweetje opzetten, opendraaien, … Er zat altijd een idee achter. En: voor een grote jongen kon hij opvallend goed uit de voeten op ons kunstgras. Ook voor de goal, waar hij goed positie kiest en heel scherp is. Levensgevaarlijk aan de eerste paal, dat zagen we ook tijdens de afwerkingsvormen. Een speler met een grote progressiemarge", aldus Van Veen.
LEES OOK:
'Vermant klopt op tafel: code rood voor Club Brugge'